29 april 2008Vlaams Belang eist onmiddellijke opening van een afdeling voor minderjarigen in Vorst of Sint-Gillis
Vrijlating jonge criminelen is wraakroepend
Voor het Vlaams Belang is de “gedwongen” vrijlating van 15 jeugddelinquenten door het Brussels parket totaal onaanvaardbaar en zelfs wraakroepend. Dit is het meest nefaste signaal dat men aan de stadsbendes kan geven. Zij weten nu dat zij de komende dagen en weken vrij spel hebben en geenszins het risico lopen te worden opgesloten. Alles wijst er dan ook op dat we, mede gelet op het warme weer, de komende weken naar hevige confrontaties gaan tussen politie en jongerenbendes.
Het Vlaams Belang kan dan ook geen vrede nemen met het steeds weerkerende verhaal van plaatstekort in de Franstalige jeugdinstellingen. Het gaat daar namelijk om manifeste onwil tot capaciteitsuitbreiding. Wanneer gemeenschapsminister Fonck de wachtlijst van 60 delinquenten te lijf wil gaan met 10 extra cellen, dan houdt ze iedereen voor de gek.
Aangezien het wettelijk niet meer toegelaten is dat minderjarigen in het gewone gevangeniscircuit worden ondergebracht, rest er slechts één oplossing: de onmiddellijke omvorming van een vleugel van een bestaande gevangenis (liefst Vorst of Sint-Gillis) tot jeugddetentiecentrum. Dat hierdoor de zogenaamde overbevolking elders nog wat zal toenemen, is volstrekt bijkomstig. Het verzekeren van de veiligheid van de samenleving is een veel belangrijker goed dan het comfort van de criminelen.
Het Vlaams Belang verzet zich dan ook krachtig tegen het dogma van ‘één man één cel’ dat voortdurend naar voor geschoven wordt en de leidraad moet worden van het beleid van Vandeurzen. In Nederland is men sinds enkele jaren kordaat van dit verouderde principe afgestapt, waardoor het probleem van de zogenaamde overbevolking er vandaag niet meer bestaat. Er bestaat bij onze noorderburen vandaag zelfs een grote reserve aan gevangeniscellen.
Het spreekt vanzelf dat Justitieminister Vandeurzen hierover tijdens de commissiedebatten van dinsdag aanstaande stevig op de rooster zal worden gelegd.
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
10 april 2008Justitieminister Vandeurzen vraagt opheffing parlementaire onschendbaarheid Frank Vanhecke
CD&V voert braafjes dictaat van Onkelinx uit
Veroordeling wegens ‘racisme’ kan Vanhecke politieke rechten kosten
De voorzitter van het Europees Parlement heeft zopas bekend gemaakt dat de Belgische minister van Justitie Jo Vandeurzen met spoed vraagt de parlementaire onschendbaarheid op te heffen van Europees Parlementslid Frank Vanhecke, ten einde hem te kunnen vervolgen op basis van de racismewet. Aanleiding is de klacht die werd ingediend door SP.A-burgemeester Freddy Willockx tegen een uitgave van Vlaams Belang Sint-Niklaas. De feiten dateren van april 2005. In dat lokaal blad stond een kort artikel over een geval van vandalisme, waarin gesteld werd dat de daders allochtonen waren. Toen die stelling werd tegengesproken door de burgemeester (de daders waren minderjarigen zodat de identiteit niet werd vrijgegeven en ook niet controleerbaar is), verspreidde het Vlaams Belang onmiddellijk een rechtzetting in alle brievenbussen van de stad.
Frank Vanhecke was bij het schrijven van de gewraakte tekst op geen enkele wijze persoonlijk betrokken, tenzij dan als verantwoordelijke uitgever, taak die hij als voorzitter van het Vlaams Belang automatisch opnam voor een paar honderd regionale tijdschriften. Bovendien heeft de eigenlijke auteur van het artikel zich spontaan bij het parket gemeld, zodat de vervolging van Frank Vanhecke absurd is omdat een verantwoordelijke uitgever volgens de Belgische Grondwet in principe niet mag vervolgd worden wanneer de auteur bekend is.
Frank Vanhecke heeft inmiddels de commissie Juridische Zaken van het Europees Parlement om een openbare behandeling van dit dossier gevraagd, met de mogelijkheid om zichzelf te verdedigen. Het zal vele Europese politici ongetwijfeld interesseren te vernemen hoe de Belgische Justitie de flaters aaneenschakelt, maar wél massale middelen inzet voor de vervolging van een Vlaams-nationaal politicus wegens een paar door iemand anders geschreven regels in een lokaal blaadje van een lokale partijwerking.
Bij een eventuele veroordeling wegens ‘racisme’ kan Frank Vanhecke zijn mandaat als Europees parlementslid verliezen en riskeert hij een ontzetting uit zijn politieke rechten. Het is zonneklaar dat de Belgische staat zich van een in wezen futiel dossier wil bedienen om een kopman van de Vlaamse onafhankelijkheidspartij aan te pakken. Dit dossier werd trouwens met inzet van heel veel overheidsmiddelen voorbereid door PS-minister Laurette Onkelinx, en wordt nu loyaal uitgevoerd door de CD&V'er Vandeurzen. Het spreekt voor zich dat het Vlaams Belang onverkort achter Frank Vanhecke blijft staan en deze schandelijke poging tot politieke afrekening met alle politieke en wettelijke middelen zal bekampen.
Bruno Valkeniers, Voorzitter Vlaams Belang
Joris Van Hauthem, Woordvoerder
05 maart 2008Vlaams Belang verbolgen over zwijgzaamheid inzake terreurleider Belliraj
In de commissie van Justitie heeft minister Jo Vandeurzen geen enkele informatie willen verstrekken op de concrete vragen over de rol van de Staatsveiligheid in de zaak rond de terreurleider Abdelkader Belliraj.
In zijn antwoord verwees de minister naar het onderzoek dat het Comité I hierover zal voeren. Voor het Vlaams Belang is het antwoord van de minister onaanvaardbaar, mede omdat de parlementaire commissie die het Comité I begeleid enkel bestaat uit leden van de meerderheidspartijen.
Het Vlaams Belang wil over het falen van de Staatsveiligheid een democratisch parlementair debat en dient vandaag nog een wetsvoorstel in te ter oprichting van een parlementaire onderzoekscommissie.
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
21 februari 2008Magistratenopleiding: Vlaams Belang blij met beslissing Vandeurzen
SP.a gedraagt zich nog steeds als behoeder van het unitaire België.
Het Vlaams Belang reageert verheugd op de beslissing van Vandeurzen om geen uitvoering te geven aan de wet tot oprichting van het Instituut voor Gerechtelijke Opleiding. Deze wet werd op 25 januari 2007 door de paarse meerderheid goedgekeurd en installeert een volslagen unitair bastion, waarbij de rol van de gemeenschappen herleid wordt tot ondergeschikt adviesverlener. De oprichting van dit instituut, dat vanaf dit jaar actief zou worden, betekent niet alleen een regelrechte aanslag op de onderwijsbevoegdheden van de gemeenschappen. Bovendien is de nieuwe instelling flagrant in strijd met het Octopusakkoord van 1999, waarin voorzien werd dat er twee aparte magistratenscholen zouden komen. Door zijn budgettaire omvang en enorm takenpakket dreigt dit instituut bovendien een regelrechte concurrent te zullen worden van onze rechtsfaculteiten.
Gezien deze manifeste bevoegdheidsoverschrijding is het logisch dat Vandeurzen geen uitvoering geeft aan de wet van 2007 en het bestaande systeem van magistratenopleiding voorlopig handhaaft. Het furieuze protest van SP.A’er Landuyt is zeer opmerkelijk. De gewezen minister acht het blijkbaar zijn taak om zich op te werpen als de behoeder van het unitaire België.
Ook het Vlaams Belang heeft inmiddels een interpellatieverzoek ingediend en wil de minister zo snel mogelijk aan de tand voelen over de wijze waarop de wet zal gewijzigd worden. Op 25 januari 2007 sloot Tony Van Parys zijn toespraak af met de woorden: “Ik kan u alleszins zeggen dat als dit wetsontwerp wordt goedgekeurd, het alleszins zo zal zijn, voor zover en indien CD&V aan het beleid na de verkiezingen zou deelnemen, de eerste beslissing zal zijn om deze ouderwetse parastatale B af te schaffen.” Dit was veel duidelijkere taal dan de wollige passage hierover in het oranje-blauwe deelakkoord van 16 oktober: “De gemeenschappen worden via een samenwerkingsakkoord betrokken bij de vorming van de magistraten. In dit kader wordt de wet van januari 2007 hervormd.” Van een afschaffing van het instituut is hierin dus jammer genoeg nog geen sprake.
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
Bert Schoofs, Volksvertegenwoordiger
08 februari 2008PS’er Uyttendaele krijgt een derde van alle zaken van kabinet Picqué
Alhoewel hij naar eigen zeggen in het Brussels Gewest nauwelijks aan de bak komt.
Uit een uitgelekte nota van advocaat en PS’er Marc Uyttendaele blijkt dat deze laatste zijn best doet om via zijn partijpolitieke contacten zoveel mogelijk overheidsopdrachten binnen te halen voor zijn advocatenkantoor. In zijn nota klaagt Uyttendaele erover dat hij in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest nauwelijks aan de bak komt. Zo schrijft hij : “Wat Picqué betreft is het noppes”.
Hoogst merkwaardig! Brussels Volksvertegenwoordiger Jos Van Assche (Vlaams Belang) stelde enige tijd geleden een schriftelijke vraag aan alle Brusselse kabinetten, over de opdrachten die aan het kantoor van Uyttendaele worden toegekend. Een vraag waarover Charles Picqué trouwens zeer verbolgen was, en in zijn antwoord schreef: “Uw insinuaties over de bestaande verbanden tussen de ministeriële kabinetten en de politieke kleur van de advocaten die de kabinetten aanwijzen, verdienen niet meer commentaar dan de roddels van de schandaalpers die met al te grote inschikkelijkheid door uw insinuaties worden overgenomen.”
Deze uitval van Picqué, én de klaagzang van Uyttendaele, staan echter in schril contrast met de rest van het antwoord van Picqué. Zowat een derde van alle zaken worden bij het kabinet van Picqué namelijk toegewezen aan het advocatenkantoor van Marc Uyttendaele. De andere tweederde moet verdeeld worden onder meer dan 20 andere advocaten!
Het valt trouwens ook op dat het kabinet van minister Huytebroeck (Ecolo) ook 3 van de 7 dossiers had toevertrouwd aan Mr Uyttendaele.
Het is dus zeker niet correct te stellen dat Mr Uyttendaele via zijn politieke vrienden in het Brussels Gewest weinig of niet aan de bak komt. Integendeel !
Stijn Hiers, Fractiesecretaris Vlaams Belang Brussels Hoofdstedelijk Parlement
22 januari 2008Open brief aan Justitieminister Vandeurzen
Naar aanleiding van de arrestatie van de verdachten in de moord op de jonge agente Kitty Van Nieuwenhuysen, schrijft Vlaams Belang-voorzitter Frank Vanhecke een open brief aan CD&V-Justitieminister Jo Vandeurzen. In zijn brief roept Vanhecke de minister van Justitie op om te breken met het lakse veiligheidsbeleid en eindelijk werk te maken van een kordate aanpak van de criminaliteit, met inbegrip van de uitwijzing van criminele vreemdelingen.
Hieronder vindt u de open brief.
Joris Van Hauthem, Woordvoerder Vlaams Belang
Geachte heer Vandeurzen,
Via de media konden wij vernemen dat de politiediensten zaterdag drie verdachten arresteerden in de moord op de jonge agente Kitty Van Nieuwenhuysen in het Vlaams-Brabantse Lot. We zijn uiteraard tevreden over het feit dat politie en gerecht erin slaagden de drie gevaarlijke criminelen relatief snel te vatten. Dat neemt niet weg dat wij, net zoals de bevolking, met een wrang gevoel blijven zitten.
Het blijkt immers dat de drie mannen stuk voor stuk een zwaar crimineel verleden hebben, en dat twee van hen - ondanks hun indrukwekkende lijst criminele ‘wapenfeiten’ – vervroegd werden vrijgelaten. Al even onbegrijpelijk is het feit dat dergelijke criminele vreemdelingen na het uitzitten van hun volledige straf niet onmiddellijk het land worden uitgezet en hen de toegang tot het grondgebied blijvend wordt ontzegd.
In enkele kranten laat u optekenen dat u als kersvers Justitieminister het strafrechtelijk verleden van de verdachten zal natrekken en zal nagaan “of in het dossier alles is gedaan wat nodig is om de samenleving te beschermen.” Dat was dus duidelijk niet het geval en is ook onmogelijk zolang de schandelijke wet-Lejeune van kracht blijft.
Bovendien is zo’n (vrijblijvend) onderzoek lang niet voldoende. Jarenlang heeft CD&V vanuit de oppositie - terecht - geageerd tegen het falende veiligheidsbeleid van de opeenvolgende paarse regeringen en presenteerde uw partij zich als een alternatief. U heeft nu de kans om uw geloofwaardigheid te bewijzen en te breken met het linkse en lakse veiligheidsbeleid in dit land. Enkel wanneer u werk maakt van een kordate aanpak van de criminaliteit, met inbegrip van effectieve straffen en de uitwijzing van criminele vreemdelingen, zal u met reden kunnen zeggen dat - ook wat de toekomst betreft - al het nodige is gedaan om de samenleving te beschermen.
Frank Vanhecke, Voorzitter Vlaams Belang
27 november 2007Open brief aan professor Bruno De Wever
Filip Dewinter : “Uitspraak zaak “De Moor” is maatschappelijk totaal verkeerd signaal. Deze uitspraak betekent een vrijgeleide voor allochtoon bendegeweld.”
Vlaams Belang wil misdrijven op het openbaar vervoer als een misdrijf met verzwarende omstandigheid laten omschrijven en bestraffen
Het Vlaams Belang is geschokt door de beslissing van het Antwerpse Hof van Beroep om de straf van Redouan S., die Guido De Moor vermoord heeft en die in eerste aanleg veroordeeld werd tot 2 jaar effectieve gevangenisstraf, om te zetten naar twee jaar met uitstel, waardoor de dader nu niet meer naar de cel moet.
Al geruime tijd wordt de moord op Guido de Moor geminimaliseerd en afgedaan als een “busincident”. Redouan S. die De Moor doodtrapte, is geen moordenaar maar een “aanvaller”, De Moor werd niet vermoord maar “overleed aan een hersenbloeding”, de “moord in bende” wordt uitgelegd als een banale “vechtpartij”,… Nochtans betreft het een verregaande vorm van agressie, gepleegd in bende met doodslag tot gevolg. Verzwarende omstandigheid is het feit dat het slachtoffer niets anders deed dan zijn verantwoordelijkheid nemen door de allochtone amokmakende bende tot de orde te roepen.
De rechtspraak in ons land hanteert - in navolging van het politiek beleid – twee maten en twee gewichten. Allochtonen zijn blijkbaar “onaantastbaar” geworden en worden met de fluwelen handschoen aangepakt. Uit schrik van racisme beschuldigd te worden, durven de rechtbanken geen kordate en gerechtvaardige straffen meer uit te spreken tegen allochtone verdachten. Het racismespook achtervolgt het gerecht en zorgt voor een politieke rechtspraak.
De uitspraak van het Antwerpse Hof van Beroep in de zaak “De Moor” zorgt voor een totaal verkeerd maatschappelijk signaal. De uitspraak betekent een vrijgeleide voor allochtone bendes allerhande die bepaalde wijken in het algemeen en het openbaar vervoer in het bijzonder terroriseren. Het Vlaams Belang wijst er overigens op dat nauwelijks enkele weken geleden op buslijn 502 opnieuw een buschauffeur drie weken werkonbekwaam werd geslagen door een bende jonge allochtonen. Blijkbaar haalt de wet van de straat het in dit land van de wetten van het strafrecht.
Het Vlaams Belang meent dat misdrijven die op het openbaar vervoer gepleegd worden – net zoals dat bij racismemisdrijven het geval is – behandeld moeten worden als misdrijven met een verzwarende omstandigheid en dus strenger bestraft moeten worden. Tevens meent het Vlaams Belang dat de openbare vervoersmaatschappijen zich bij ieder incident automatisch burgerlijke partij moeten stellen. Het Vlaams Belang zal hiervoor in het Vlaams Parlement een voorstel van resolutie indienen.
15 november 2007Zaak De Moor: politiek correcte rechtspraak hanteert twee maten en twee gewichten
Filip Dewinter: “Uitspraak zaak “De Moor” is maatschappelijk totaal verkeerd signaal. Deze uitspraak betekent een vrijgeleide voor allochtoon bendegeweld.”
Vlaams Belang wil misdrijven op het openbaar vervoer als een misdrijf met verzwarende omstandigheid laten omschrijven en bestraffen
Het Vlaams Belang is geschokt door de beslissing van het Antwerpse Hof van Beroep om de straf van Redouan S., die Guido De Moor vermoord heeft en die in eerste aanleg veroordeeld werd tot 2 jaar effectieve gevangenisstraf, om te zetten naar twee jaar met uitstel, waardoor de dader nu niet meer naar de cel moet.
Al geruime tijd wordt de moord op Guido de Moor geminimaliseerd en afgedaan als een “busincident”. Redouan S. die De Moor doodtrapte, is geen moordenaar maar een “aanvaller”, De Moor werd niet vermoord maar “overleed aan een hersenbloeding”, de “moord in bende” wordt uitgelegd als een banale “vechtpartij”,… Nochtans betreft het een verregaande vorm van agressie, gepleegd in bende met doodslag tot gevolg. Verzwarende omstandigheid is het feit dat het slachtoffer niets anders deed dan zijn verantwoordelijkheid nemen door de allochtone amokmakende bende tot de orde te roepen.
De rechtspraak in ons land hanteert - in navolging van het politiek beleid – twee maten en twee gewichten. Allochtonen zijn blijkbaar “onaantastbaar” geworden en worden met de fluwelen handschoen aangepakt. Uit schrik van racisme beschuldigd te worden, durven de rechtbanken geen kordate en gerechtvaardige straffen meer uit te spreken tegen allochtone verdachten. Het racismespook achtervolgt het gerecht en zorgt voor een politieke rechtspraak.
De uitspraak van het Antwerpse Hof van Beroep in de zaak “De Moor” zorgt voor een totaal verkeerd maatschappelijk signaal. De uitspraak betekent een vrijgeleide voor allochtone bendes allerhande die bepaalde wijken in het algemeen en het openbaar vervoer in het bijzonder terroriseren. Het Vlaams Belang wijst er overigens op dat nauwelijks enkele weken geleden op buslijn 502 opnieuw een buschauffeur drie weken werkonbekwaam werd geslagen door een bende jonge allochtonen. Blijkbaar haalt de wet van de straat het in dit land van de wetten van het strafrecht.
Het Vlaams Belang meent dat misdrijven die op het openbaar vervoer gepleegd worden – net zoals dat bij racismemisdrijven het geval is – behandeld moeten worden als misdrijven met een verzwarende omstandigheid en dus strenger bestraft moeten worden. Tevens meent het Vlaams Belang dat de openbare vervoersmaatschappijen zich bij ieder incident automatisch burgerlijke partij moeten stellen. Het Vlaams Belang zal hiervoor in het Vlaams Parlement een voorstel van resolutie indienen.
01 november 2007Vlaams Belang vraagt ambassadeur om Benallal in Nederland te houden
Naar aanleiding van de aanhouding van ontsnappingskoning Nordin Benallal, vraagt Vlaams Belang-volksvertegenwoordiger Bart Laeremans aan de ambassadeur van Nederland om Benallal voorlopig in Nederland te houden en op te sluiten in de beveiligde gevangenis van Vught. Hieronder vindt u de brief aan de ambassadeur.
Joris Van Hauthem, Woordvoerder Vlaams Belang
-- Aan De Heer Ambassadeur van Nederland S.E.M. Rudolf Bekink
Herrmann-Debrouxlaan 48
1160 Brussel
Grimbergen, 31 oktober 2007
Geachte Heer Ambassadeur,
Betreft: ontsnappingskoning Nordin Benallal
Ik wend me tot u als volksvertegenwoordiger en lid van de commissie Justitie van de Kamer. Vooreerst wens ik de politiediensten in uw land ten zeerste te feliciteren voor de snelle aanhouding van “onze” notoire ontsnappingskoning Nordin Benallal.
Ongetwijfeld vernam u dat betrokkene niet alleen bijzonder vluchtgevaarlijk is, maar tevens uitermate gewelddadig. Aangezien hij in Den Haag een gewapende overval heeft gepleegd, is het logisch dat uw land hem hiervoor zal willen berechten en ieder risico op een nieuwe ontsnapping zal willen uitsluiten.
Problematisch is evenwel dat onze gevangenissen momenteel niet goed uitgerust zijn voor de opsluiting van dit soort criminelen en dat de huidige minister van Justitie talmt om de noodzakelijke beveiligingsmaatregelen te nemen. Zo kon een ontsnapping per helikopter in april van dit jaar zes maand later probleemloos gekopieerd worden door de handlangers van Benallal. Het spannen van enkele kabeltjes vergt in België immers ontzettend veel tijd.
Daarom zou ik u willen verzoeken onze bezorgdheid ter zake te willen overmaken aan uw minister van Justitie. De kans is immers reëel dat betrokkene na een gebeurlijke uitlevering aan België opnieuw zou ontsnappen vooraleer hij in Nederland berecht kan worden.
Enkele jaren geleden bezochten wij met onze kamercommissie uw befaamde beveiligingsinstelling te Vught. Heel wat commissieleden waren toen ten zeerste onder de indruk van de inspanningen die er geleverd werden om de bewaring te verzekeren van extreem vluchtgevaarlijke personen in een omgeving die toch voldoende veilig was voor de penitentiaire beambten. Vanmorgen nam ik contact met deze instelling, waar me gemeld werd dat er actueel nog opvangmogelijkheid bestaat.
Zou het voor uw minister van Justitie mogelijk zijn om, in afwachting van de noodzakelijke beveiligingswerken in enkele van onze gevangenissen, betrokkene in Vught op te sluiten? Ongetwijfeld zal onze minister van Justitie graag financieel tussenbeide komen hiervoor.
Ik wens u alvast van harte te bedanken dat u deze boodschap aan de Nederlandse regering kan overmaken.
Met oprechte hoogachting,
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
17 oktober 2007Justitie-akkoord alles behalve grote kentering.
Het Vlaams Belang is niet onder de indruk van het oranje-blauwe akkoord inzake Justitie. De voorstellen die tot op heden bekend raakten, zullen hoegenaamd niet de grote ommekeer teweeg brengen die CD&V voor de verkiezingen had aangekondigd.
Duidelijk is in ieder geval dat er geen ernstige aanzet wordt gegeven naar de ontwikkeling van een eigen Vlaamse en Waalse Justitie. In zijn verkiezingsprogramma pleitte de N-VA nog voor een veiligheids- en justitiebeleid dat georganiseerd zou worden door de deelstaten. Ook CD&V wou een deel van het justitiële beleid overdragen aan de deelstaten. Vandaag zien we dat daar niets van in huis komt: Justitie blijft een op en top federale aangelegenheid. De rol van de deelstaten blijft beperkt tot wat inspraak in het vervolgingsbeleid wat betreft de geregionaliseerde materies. Dit is niets meer dan een schaamlapje. Blijkbaar werd op geen enkel moment zelfs maar overwogen om het debat over de splitsing van Justitie te openen en bevoegdheden naar de deelstaten over te dragen.
StrafbeleidOok wat het strafbeleid betreft, moeten we vaststellen dat het voorliggende akkoord veel kansen laat liggen. Positief is wel dat een eerste aanzet wordt gegeven tot verstrenging van de voorwaardelijke invrijheidstelling. Het Vlaams Belang vraagt dit al meer dan twintig jaar en stond lange tijd moederziel alleen met dit standpunt. Toch blijft de wijziging erg beperkt. De strafrechter zou een onsamendrukbaar strafdeel kunnen bepalen tussen één derde en tweederde van de straf. In het VLD-verkiezingsprogramma heette het nog dat elke veroordeelde minstens twee derde van de opgelegde straf zou uitzitten. Bovendien is het nog helemaal niet duidelijk of de onsamendrukbaarheid ook zal gelden voor straffen onder de drie jaar. In deze categorie van veroordeelden worden tegenwoordig nauwelijks nog straffen uitgevoerd.
Opmerkelijk is dat er helemaal niet geanticipeerd wordt op een verstrengd vrijlatingsbeleid door een voldoende grote uitbreiding van de cellencapaciteit. Met 1600 extra plaatsen wordt nauwelijks iets toegevoegd aan hetgeen reeds was beloofd door de vorige regering. Deze verhoging volstaat niet eens om het hoofd te bieden aan het huidig cellentekort, laat staan om een toename van het aantal gedetineerden de baas te kunnen. Bijgevolg wordt meteen een nieuwe vluchtweg gecreëerd door zoveel mogelijk voorlopig gehechten uit de gevangenis te halen met behulp van het elektronisch toezicht. Nochtans was de voorbije jaren ook hier al een absolute ondergrens bereikt. Slachtoffers en politiemensen moeten steeds vaker vaststellen dat misdadigers onmiddellijk na hun aanhouding worden vrijgelaten op bevel van het parket. Dit probleem zal dus nog verergeren.
JeugdrechtInzake het jeugdrecht blijven de wijzigingen vooralsnog beperkt tot de zwaarst criminele jongeren boven de 14 jaar, terwijl de jeugdrechters ook ten aanzien van recidivisten én van jongeren onder de 14 jaar bestraffend zouden moeten kunnen optreden. Al te vaak worden jongeren in deze leeftijdscategorie misbruikt door volwassenen en door bendes om ernstige misdrijven te kunnen plegen. Justitie blijft dus ook onder oranje-blauw ongewapend tegen dit fenomeen.
Uitgerekend vandaag pakt Het Nieuwsblad uit met schrikbarende cijfers over jeugdcriminaliteit, waaruit blijkt dat veel jongeren reeds vanaf 12 jaar en soms vanaf 10 jaar een criminele loopbaan uitbouwen. Ook tegenover hen moet bij recidive of bij ernstige misdrijven opsluitingsstraffen kunnen worden uitgesproken.
De filosofie van het jeugdrecht is nog steeds eenzijdig gericht op de bescherming van jongeren. Onder Onkelinx werd deze verouderde wet nog lakser dan ooit voordien. Van een breuk met deze achterhaalde wetgeving en van de invoering, naar het voorbeeld van de buurlanden, van een hedendaags jeugdsanctierecht is nog steeds geen sprake. Ook hier kunnen we duidelijk spreken van een gemiste kans.
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
Gerolf Annemans,Fractievoorzitter
26 juli 2007Vlaams Belang zeer ongerust over 'splitsing' Brussels gerecht in formateursnota.
Eén van de weinige dossiers die al vrij gedetailleerd zijn uitgewerkt in de formateursnota is dat van de opdeling van het Brussels gerecht. Meteen is duidelijk dat verregaande toegevingen worden voorbereid ten behoeve van de Franstalige partijen.
Vooreerst blijft de eigenlijke splitsing beperkt tot het parket. Het gerechtelijk arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde wordt gehandhaafd, zodat ook in de toekomst een autonoom politiebeleid voor Vlaams-Brabant (met de gouverneur als coördinator) onmogelijk blijft. Het Vlaams Belang herinnert eraan dat de burgemeesters van Halle-Vilvoorde in het verleden gepleit hebben voor een autonoom gerechtelijk arrondissement. Met deze evidente vraag wordt dus geen rekening gehouden.
De Brusselse rechtbanken van eerste aanleg worden ingedeeld in Nederlandstalige en Franstalige zetels, maar niets wijst er op dat de bevoegdheid van de Franstalige rechtbank beperkt wordt tot het grondgebied van Brussel-19. Op basis van de voorliggende teksten, is het dus perfect mogelijk dat de rechten van de Franstaligen in Halle-Vilvoorde nog worden uitgebreid in plaats van ingeperkt. Dit zou volstrekt onaanvaardbaar zijn.
In ruil voor de splitsing van het parket worden heel verregaande toegevingen gedaan inzake het hoofdstedelijk parket: de Franstaligen krijgen er 80% van alle magistraten! Een onaanvaardbaar hoog cijfer, dat nergens zijn gelijke kent in Brussel. Ook zal de procureur in de toekomst altijd een Franstalige zijn. Bovendien moet in dat “tweetalige” parket nog slechts één derde van alle magistraten het bewijs leveren van de kennis van de andere landstaal, waar dit vandaag nog twee derde is. De tweetaligheid van het Brussels parket zal er dus op achteruit gaan in plaats van vooruit. Dit is onbegrijpelijk en volstrekt onverdedigbaar.
Voor het Vlaams Belang kan de voorliggende tekst onmogelijk als basis dienen voor welk gesprek dan ook. Het Vlaams Belang herinnert eraan dat in het Vlaams regeerakkoord van 2004 uitdrukkelijk vermeld stond dat de Vlaamse meerderheidspartijen (CD&V/N-VA, VLD en SP.A.-Spirit) meteen wetsvoorstellen tot splitsing zouden indienen van de kieskring én van het gerechtelijk arrondissement. Dit laatste is evenwel nooit gebeurd. De Vlaamse meerderheidspartijen hebben nooit de moeite gedaan om een gezamenlijk standpunt uit te werken en pleegden dus woordbreuk. Vandaag zien we de gevolgen van deze onvoorstelbare nalatigheid.
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
Joris Van Hauthem, Senator
16 maart 2007Justitie blundert in proces VB-militant tegen vakbonden.
Justitieminister Onkelinx wordt gedagvaard.
Zoals bekend sluiten de vakbonden ACV en ABVV op grote schaal mensen uit op basis van hun politieke overtuiging. Een uitgesloten Vlaams Belang-kandidaat, Alain D'Hoker, tot voor kort werkzaam bij Volkswagen Vorst, nam deze uitsluiting niet en stapte naar de rechtbank van Dendermonde om met een bijzondere procedure - de stakingsvordering op basis van de Privacywet - de veroordeling te vragen van Rudy De Leeuw (ABVV), Luc Cortebeeck (ACV) en Manuel Castro (ABVV Metaalcentrale).
Uit nazicht van het dossier ter griffie door de advocaat van de heer D'Hoker bleek dat in de procedure drie keer ernstig geblunderd is door het personeel van de griffie. De zaak werd ingeschreven op de verkeerde rol, daarna werden de vakbondsleiders opgeroepen per gerechtsbrief op hun kantooradres in plaats van op hun privé-adres (hoewel de vereiste attesten van woonst bij het verzoekschrift door verzoekende partij D'Hoker waren gevoegd), en tenslotte werd de gerechtsbrief aan Manuel Castro - die in Wallonië woont - door de griffie van de rechtbank van Dendermonde enkel verzonden in het Nederlands. Een inbreuk op de taalwetgeving die leidt tot nietigheid van de oproeping. Nochtans werd door de raadsman van de heer D'Hoker een Franse vertaling van het oorspronkelijke verzoekschrift neergelegd, zoals door de taalwet is voorzien.
De cascade van 'fouten' is dus op geen enkele wijze te wijten aan de heer D'Hoker, zijn raadsman of de rechters te Dendermonde: de correcte verzending van de gerechtsbrieven en de inschrijving op de juiste rol is uitsluitend de taak van het griffiepersoneel. Het griffiepersoneel staat onder de verantwoordelijkheid van de minister van Justitie, mevrouw Laurette Onkelinx. Aangezien deze fouten dermate ernstig zijn dat zij de afwijzing van de eis tot gevolg kunnen hebben, zal de advocaat van de heer D'Hoker de Belgische staat via de minister van Justitie - verantwoordelijk voor de griffies - dagvaarden in betaling van schadevergoeding.
Het Vlaams Belang stelt vast dat het Belgische gerecht er blijkbaar wel in slaagt om bij de Raad van State - waar de wachttermijn in andere zaken kan oplopen tot tien jaar en meer - een sneltreinvaart te hanteren bij het beoordelen van de klacht tegen de partijfinanciering van het Vlaams Belang, maar in Dendermonde niet in staat is om een gerechtsbrief volgens de geëigende procedures te verzenden? Een gevolg hiervan is dat de procedure tegen Castro, De Leeuw en Cortebeeck van voor af aan moet begonnen worden, in de hoop dat de griffie te Dendermonde nu wél correct handelt.
De eerder voorziene pleitdatum in mei zal daardoor helaas onhaalbaar worden, zodat een uitspraak ten vroegste in september mag verwacht worden. Toevallig na de federale verkiezingen?
Marie-Rose Morel, Vlaams parlementslid
10 februari 2007Senator Van dermeersch pleit voor strengere straffen voor daden van terrorisme en automatisch afnemen van Belgische nationaliteit.
Senator Anke Van dermeersch stelde enkele schriftelijke vragen aan de minister van Justitie over de personen die in ons land werden veroordeeld voor daden van terrorisme.
Hieruit blijkt dat er daarvoor momenteel al 49 personen definitief zijn veroordeeld. Van deze 49 zijn er 15 die de Belgische nationaliteit hebben. Allen hebben zij op de een of andere manier de Belgische nationaliteit verworven; het betreft m.a.w. mensen van vreemde oorsprong.
Uit het overzicht van de toebedeelde straffen blijkt dat deze voor een toch wel potentieel erg zwaar vergrijp aan de erg lage kant liggen. De oorzaak daarvan ligt blijkbaar niet zozeer bij de rechters, maar wel in het feit dat de maximum toebedeelbare straffen voor een aantal feiten die betrekking hebben op terrorisme aan de lage kant liggen. Bovendien werd tot op heden voor nog geen enkele van de veroordeelden van vreemde oorsprong die de Belgische nationaliteit hebben verworven de Belgische nationaliteit afgenomen, alhoewel die mogelijkheid wel degelijk bestaat. Senator Van dermeersch laakt ter zake dan ook zowel de besluiteloosheid van het parket-generaal, dat bevoegd is voor het ontnemen van de Belgische nationaliteit, als het lakse strafbeleid terzake.
Volgens senator Van dermeersch horen feiten van terrorisme of die tot terrorisme kunnen leiden immers tot de meest verwerpelijke misdaden die kunnen worden begaan omwille van het blinde geweld waarmee ze gepaard gaan. Zij pleit er dan ook voor om de strafmaat voor dergelijke daden, door wie ze ook beraamd of gepleegd mogen zijn, te verzwaren.
Vreemdelingen die bovendien van onze gastvrijheid misbruik maken door zich aan feiten van terrorisme te bezondigen, horen niet thuis in onze samenleving en moeten daar dan ook voor altijd uit verwijderd worden. Na het uitzitten van hun straf moeten zij bijgevolg snel en definitief het land worden uitgezet. Indien het Belgen van vreemde oorsprong betreft, moet volgens de senator automatisch de procedure worden opgestart om hen de Belgische nationaliteit te ontnemen.
Joris Van Hauthem, Perswoordvoerder
20 december 2006Elektronisch toezicht totaal én opzettelijk mismeesterd door Onkelinx.
Het bericht in de pers van vanmorgen over het elektronisch toezicht bevat slechts een fractie van wat er momenteel misloopt bij het Nationaal Centrum voor het Elektronisch Toezicht. Er heerst bij het NCET een algehele malaise, onder meer omdat Justitieminister Onkelinx deze dienst wil ontmantelen en grotendeels wil onderbrengen bij de softe justitiehuizen.
Omwille van het acute probleem van overbevolking en omdat Onkelinx kost wat kost bepaalde cijfers wil halen (een snelle uitbreiding van het ET tot 1000 gedetineerden), heeft de justitieminister in juni de omzendbrief inzake het ET drastisch versoepeld.
Zo was het NCET tot in juni bij de meeste gedetineerden verplicht een externe maatschappelijke enquête uit te voeren, om na te gaan of de gedetineerde en diens omgeving wel klaar waren voor dit systeem. Deze enquête gebeurt nu nog enkel in zeer uitzonderlijke gevallen en bij seksuele delinquenten. Tot juni mochten deze laatsten zelfs niet eens genieten van het systeem van ET. Eén en ander verhoogt vanzelfsprekend het veiligheidsrisico.
De forse uitbreiding van het aantal gedetineerden onder ET gaat allerminst gepaard met een gelijkwaardige uitbreiding van het aantal elektronische bewakers noch van het aantal sociale begeleiders. Erger nog: deze sociale begeleiders zullen in de loop van 2007 worden weggetrokken uit het NCET en ondergebracht bij de justitiehuizen. Hierdoor zal de begeleiding van de ET-gedetineerden nauwelijks nog verschillen van de begeleiding van voorwaardelijk invrijheidgestelden.
De beslissingen inzake de eliminatie van de enquête en inzake de verhuis van de sociaal assistenten naar de justitiehuizen druisen regelrecht in tegen de ondubbelzinnige resultaten van een dure universitaire studie die Onkelinx zelf had besteld en die de minister nadien onder de mat heeft trachten te vegen. In die studie werd terecht gesteld dat er een groot onderscheid moet blijven tussen de enkelbandgedetineerden en ex-gevangenen; de transfer van de begeleiders richting justitiehuizen werd verworpen. Ook werd gewezen op het grote belang van de externe enquête voor alle betrokken categorieën.
Het is duidelijk dat de minister volledig in de greep is van het cijferfetisjisme. Niet de veiligheid van de samenleving, maar de cijfers en de reductie van de kostprijs staan voor haar centraal. Gevolg is dat het ET aan het verworden is tot een bijkomende manier om de opgelegde straffen in te korten of onuitgevoerd te laten. Dat de minister hiermee het oorspronkelijk opzet van het ET helemaal onderuit haalt, zal haar worst wezen. Het is de zoveelste illustratie van het extreme laksisme van deze wereldvreemde minister.
Bart Laeremans, volksvertegenwoordiger
Bijlage bij deze persmededeling
26 oktober 2006Maatregelen gevangenissen: veel te weinig en veel te laat.
Het Vlaams Belang is allerminst onder de indruk van de voorstellen die de federale regering gisteren lanceerde inzake
het gevangeniswezen. Verschillende voorstellen waren niets meer dan een herhaling van wat reeds eerder was aangekondigd.
Bovendien is het allemaal veel te weinig en veel te laattijdig. De voorstellen getuigen van grote improvisatie en zullen
niet leiden tot een veiligere samenleving.
- De nieuwe instelling van Herentals voor 120 gestraften met halve vrijheid is slechts een druppel op een hete
plaat. De ombouw van kazernes tot arresthuizen voor lichtgestraften was reeds uitdrukkelijk beloofd in 2003 en pas
nu, ruim drie jaar later, wordt hieraan een eerste, zeer bescheiden uitvoering gegeven. Dat hieromtrent nog geen enkel
gesprek werd gevoerd met de lokale autoriteiten, wijst op het hoge improvisatorische karakter van de beslissing.
- De terugzending van buitenlandse criminelen naar hun herkomstland is de zoveelste herhaling van een drie jaar
oude belofte. Op het terrein worden hier evenwel nauwelijks vorderingen gemaakt. De paarse meerderheid heeft het toepassingsveld
hiervoor bovendien zelf beperkt tot diegenen die illegaal in het land verblijven. Het gros van de buitenlandse gevangenen
komt voor deze overbrenging dus niet in aanmerking.
- De versnelling van de aankoop van de grond in Dendermonde betekent allerminst dat we binnen afzienbare tijd
over deze extra ruimte kunnen beschikken. Naar alle verwachting zal de bouw pas tegen 2012 gerealiseerd zijn. Het
Vlaams Belang pleit overigens voor de integrale renovatie en het openhouden van de bestaande gevangenis, ook na 2012.
Zoniet blijft de extra capaciteit ten zeerste beperkt.
- De verdere inperking van de voorlopige hechtenis komt de veiligheid van de samenleving allerminst ten goede.
Het Vlaams Belang eist dat de onderzoekers ter zake hun volle vrijheid kunnen behouden en dat de wet niet verder wordt
ingeperkt. De regering baseert zich bovendien op een leugen: het aantal voorlopig gehechten is helemaal niet te hoog;
wel is het aantal effectief veroordeelden, ten gevolge van het lakse vrijlatingsbeleid, veel te laag. Enkel daardoor
kan men spreken van een scheefgetrokken verhouding.
- Het Vlaams Belang is er tenslotte niet over te spreken dat de tweetalige instelling voor jonge meerderjarigen
(en de uit handen gegeven minderjarigen) gebouwd zal worden in Wallonië, terwijl deze alleen maar kan thuishoren in
Brussel. Het is duidelijk dat Onkelinx onder een hoedje heeft gespeeld met haar Brusselse partijgenoten, waardoor de
instelling uiteindelijk niet welkom was in de hoofdstad. Het Vlaams Belang eist dat er, in afwachting van de splitsing
van Justitie, naast de instelling van Florennes ook een gelijkaardige instelling komt in Vlaanderen. Het terrein daarvoor
is reeds voorhanden in Tienen. Marijke Dillen zal Vlaams minister Vervotte eerstdaags ondervragen over deze kwestie.
Verzoek tot interpellatie t.a.v. minister Laurette Onkelinx, minister van Justitie i.v.m. de aankondigingen inzake de
uitbreiding van de gevangeniscapaciteit.
Op 25 oktober werden door de regering een aantal maatregelen aangekondigd i.v.m. de uitbreiding van de celcapaciteit
en de inperking van de instroom, waarbij toch tal van bedenkingen te formuleren zijn.
- De nieuwe instelling voor jeugddelinquenten zou in Florennes komen. Dit gaat in tegen de politiek die reeds
sinds begin de jaren '60 gevoerd wordt om buiten Brussel enkel ééntalige instellingen uit te bouwen. Waarom werd
voor Florennes gekozen en niet voor Brussel? Welke bezwaren waren er tegen de diverse opties in Brussel? Waarom kunnen
er geen twee ééntalige instellingen komen? Tegen wanneer zal deze instelling geopend worden? Wordt nog steeds 2009 naar
voor geschoven? Zo ja, waarom?
- Waarom worden alle veroordeelden tot halve vrijheid geconcentreerd in de nieuwe instelling van Herentals? Gaat
het hier enkel om Nederlandstaligen? Bestaat er een gelijkaardige instelling aan Franstalige kant? Vanaf wanneer kan
deze nieuwe instelling in gebruik genomen worden? Waarom was er geen overleg met het gemeentebestuur?
- In Merksplas zouden extra containerblokken geplaatst worden voor 60 geïnterneerden. Om wat voor installaties
gaat het hier? Zijn dergelijke containers voldoende beveiligd? Waren er in Merksplas geen andere alternatieven?
- Wat is de timing voor Dendermonde? Tegen wanneer zal de grond verworven zijn? Tegen wanneer zal dit bouwwerk
ten vroegste gerealiseerd zijn? Kan de bestaande gevangenis daarnaast behouden blijven? Zo neen, waarom niet?
- Op welke wijze wil de minister de voorlopige hechtenis nog verder inperken? Is er een wetswijziging op til
ter zake?
- Op welke wijze wil de minster de korte straffen nog meer omzetten in alternatieve straffen? Wil de minister
ter zake richtlijnen geven aan de strafuitvoeringsrechtbank? Worden er andere pistes bewandeld? Zo ja, vanaf wanneer
moeten die ingang vinden?
- Er wordt gesteld dat zo'n 150 veroordeelden hun straf zouden uitzitten in het buitenland. Kan dit cijfer worden
toegelicht en uitgesplitst per herkomstland? Zijn deze dossiers rond? Kan de minister een overzicht geven van de bilaterale
besprekingen met de diverse landen uit Oost-Europa, Turkije en Marokko? Zijn er nog andere landen waarmee besprekingen
lopen?
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
29 augustus 2006Lijst blunders van Justitie wordt eindeloos.
Vrijlating busgeweldenaar is opnieuw verkeerd signaal.
Het Vlaams Belang is geschokt door de beslissing van de Brusselse onderzoeksrechter om de jonge zwarte geweldenaar die
gisteren een agent van de Brusselse vervoersmaatschappij zwaar verwondde, meteen vrij te laten. Het is het zoveelste
verkeerde signaal, waarbij het gerecht de indruk wekt dat personeelsleden van vervoersmaatschappijen gerust mogen toegetakeld
worden, zonder dat daar enige sanctie opvolgt.
Deze triestige zaak roept herinneringen op aan een gelijkaardige vrijlatingsbeslissing begin oktober 2005 omtrent een
illegale Senegalees, die een inspecteur van de politie met een steekwapen ernstig verwond had in de Brusselse metro.
Zijn vrijlating was toen de aanleiding voor een grote politiebetoging voor de zetel van het Brussels parket. Opmerkelijk
was dat minister Onkelinx toen manifest weigerde om in het parlement uitleg te verstrekken bij de vrijlatingsbeslissing
van het parket, ondanks de grote publieke commotie, zogezegd omdat het om een individueel dossier ging.
Vanzelfsprekend is er een verschil tussen een vrijlating door het parket en de actuele vrijlating door een onderzoeksrechter,
omdat de minister van Justitie in dit laatste geval niemand kan ter verantwoording roepen. Toch blijft er een onrechtstreekse
politieke verantwoordelijkheid, omdat het vrijlatingsbeleid van zowel het parket als de onderzoeksrechters in grote mate
wordt beïnvloed door de celcapaciteit in de Brusselse gevangenissen.
Indien Onkelinx een ernstig en verantwoordelijk Justitieminister zou geweest zijn, dan had zij al lang aan de Brusselse
magistraten duidelijk gemaakt dat dergelijke vormen van publiek geweld systematisch moeten leiden tot een voorlopige
hechtenis, zelfs al is er plaatsgebrek in de gevangenissen.
Het Vlaams Belang verklaart zich solidair met de actievoerende buschauffeurs en hoopt dat met hun terechte grieven rekening
zal gehouden worden.
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
13 april 2006Oudenaards gerecht en Binnenlandse Zaken voeren de anarchie in.
Pomphouders en kleine zelfstandigen vogelvrij.
Het Vlaams Belang is geschandaliseerd door de beslissing van de procureur van Oudenaarde om kleinere misdrijven
voortaan onbestraft te laten. Zo mogelijk nog schandelijker is de aankondiging van minister van Binnenlandse Zaken
Dewael dat hij deze handelswijze veralgemeend wil zien in heel het land.
Met de beslissing dat er inzake winkeldiefstallen en oplichting van pomphouders geen onderzoek meer wordt ingesteld
en er met zekerheid zal geseponeerd worden, krijgt de hele bevolking het signaal dat men er voortaan op los mag stelen.
Hiermee ontwricht men de samenleving en creëert men een begin van anarchie.
Het is werkelijk onvoorstelbaar dat zoiets uit de koker van een procureur en van een minister van Binnenlandse Zaken
komt. Deze uitspraken zijn van die aard om bij de zelfstandigen alle vertrouwen in gerecht en politie weg te nemen.
De aangiftebereidheid zal tot nul herleid worden, met als resultaat dat Dewael kan uitpakken met schitterende maar
totaal wereldvreemde statistieken.
Nog op 7 februari jl. ondervroeg kamerlid Bart Laeremans minister van Justitie Onkelinx over deze kwestie en die
stelde toen nog dat de magistraat “telkens rekening houdt met veelvuldige criteria zoals de herhaling van misdadige
feiten door eenzelfde dader en de omstandigheden waarin het strafbaar feit werden gepleegd. Het bedrag van het nadeel
is op zich zeker geen criterium voor systematische klassering.” Met de invoering van het verkort verslag en de
verzekering van klassering doet het parket van Oudenaarde gewoon het tegenovergestelde.
Het Vlaams Belang is van oordeel dat de zelfstandigen integendeel veel beter moeten ondersteund worden door het
gerecht. In dit kader heeft kamerlid Filip De Man een wetsvoorstel ingediend dat winkeliers wil toelaten om in
samenspraak met de politie foto’s van criminelen op te hangen in hun zaak en te verspreiden via het internet (stuk
51-1918). Het Vlaams Belang eist dat de parketten in de toekomst ernstiger omgaan met de klachten van de burgers en
extra administratieve ondersteuning krijgen om deze klachten te behandelen.
Het Vlaams Belang zal volgende week zowel minister Dewael als minister Onkelinx over de kwestie aan de tand voelen.
De houding van de Oudenaardse procureur en de uitspraken van Dewael bewijzen alvast dat het de hoogste tijd is voor
een ommekeer in het beleid en dat de veiligheidscampagne van het Vlaams Belang niets te vroeg komt.
Bart Laeremans, Filip De Man
Volksvertegenwoordigers
2 maart 2006Belgische Justitie heeft niets geleerd sinds Dutroux.
Ontslag Onkelinx lijkt onvermijdelijk ?
Met de verdwijning van de Turkse Fehriye Erdal staat de Belgische Justitie andermaal op een beschamende manier te
kijk voor de hele wereld. Vooreerst natuurlijk omwille van de hopeloos klungelachtige “bewaking” van deze terroriste,
een kolderbrigade waardig. Justitie wist dat de kansen op een veroordeling en een eis tot onmiddellijke aanhouding
reëel waren en had alles in het werk moeten stellen opdat de straf effectief zou kunnen worden uitgevoerd. In
werkelijkheid gebeurde precies het tegenovergestelde. Hiermee is nog maar eens bewezen dat de Belgische
Staatsveiligheid de strijd tegen het terrorisme nog steeds niet ernstig neemt en veel te veel tijd verprutst met het
najagen van welbepaalde politieke partijen.
Daarnaast wordt opnieuw de internationale aandacht gevestigd op het onvermogen van Justitie om snel tot een
veroordeling over te gaan. Waar terrorismeprocessen in de buurlanden met bekwame spoed worden afgehandeld, moet dit
bij ons meer dan zes jaar duren. Ons systeem van gerechtelijk onderzoek en van voorlopige hechtenis faalt volkomen.
Op deze wijze blijven we natuurlijk een magneet voor de meest gevaarlijke criminelen. De Belgische Justitie heeft
haar reputatie van uiterst laks, nonchalant en onbekwaam opnieuw voor jaren bevestigd en allerminst de gepaste
conclusies getrokken uit de zaak-Dutroux.
Het Vlaams Belang zal dinsdag aanstaande zowel de minister van Binnenlandse Zaken als de minister van Justitie
ondervragen. Alles wijst erop dat Justitieminister Onkelinx de hoofdverantwoordelijkheid draagt voor het gebeurde en
dat zij nu probeert de zwarte piet integraal door te geven aan Koen Dassen van de Staatsveiligheid, aangezien die
toch al aangeschoten wild is. Het is duidelijk dat het ontslag van Onkelinx uit de federale regering onvermijdelijk
is geworden. Uit het dossier zal moeten blijken in hoeverre dit ook voor minister Dewael het geval is.
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
22 februari 2006Vlaams Belang verwelkomt petitie tegen vervroegde vrijlating.
Het Vlaams Belang verwelkomt ten zeerste de petitie tegen de vervroegde invrijheidsstelling voor plegers van
levensdelicten. Deze komt meer dan ooit op haar tijd want momenteel wordt in de kamercommissie Justitie een
wetsontwerp besproken dat de vrijlatingen drastisch zal vergemakkelijken. Het is de uitdrukkelijke bedoeling van de
meerderheidspartijen de vrijlatingen te versnellen en het aantal gevangenen verder te beperken. Het bericht vanuit
het kabinet-Onkelinx alsof er zou gewerkt worden aan de verstrenging van de wet-Lejeune getuigt van een
onwaarschijnlijke leugenachtigheid.
Over enkele maanden zullen de huidige vrijlatingscommissies vervangen worden door strafuitvoeringsrechtbanken, maar
deze zullen over veel minder beleidsruimte beschikken dan de commissies. Vandaag kunnen de commissies overgaan tot
invrijheidsstelling wanneer er geen tegenaanwijzingen zijn die te maken hebben met de reclassering, de
persoonlijkheid van de veroordeelde, zijn gedrag, zijn houding tegenover de slachtoffers en het risico op het plegen
van nieuwe strafbare feiten. Bij de nieuwe strafuitvoeringsrechtbank wordt de beleidsruimte sterk ingeperkt.
Vrijlating na één derde wordt een recht voor de veroordeelde. De rechter wordt namelijk verplicht tot vrijlating,
tenzij in een zeer beperkt aantal gevallen, met name wanneer de veroordeelde niet in zijn behoeften kan voorzien, een
risico vormt voor de fysieke integriteit van anderen of zijn slachtoffers opnieuw dreigt lastig te vallen.
Met andere woorden: de persoonlijkheid van de veroordeelde, zijn gedrag én zelfs zijn houding tegenover de
slachtoffers (bijvoorbeeld de vergoeding van de schade) mogen dus niet meer meespelen. Bij een veroordeling van
minder dan drie jaar effectief (ruim 80% van de gevallen!) moet hij zelfs worden vrijgelaten wanneer er een manifest
risico bestaat op het plegen van nieuwe strafbare feiten.
De enige verstrenging die wordt doorgevoerd, heeft betrekking op de levenslange gevangenisstraf waar herhaling werd
vastgesteld. Maar dit heeft betrekking op een extreem klein aantal gevallen. De verstrenging is overigens minimaal:
dergelijke veroordeelden zullen in de toekomst niet na 14 jaar, maar na 16 jaar worden vrijgelaten. Dit blijft
onaanvaardbaar kort. Er bestaat in ons recht overigens –in tegenstelling tot bijvoorbeeld Nederland- geen verzekerde
levenslange opsluiting, zelfs niet voor de allerergste criminelen.
Hiermee is duidelijk dat de vervroegde invrijheidsstelling na één derde van de straf voor de meeste gedetineerden in
de praktijk een automatisme zal worden, waardoor België het meest lakse vrijlatingsbeleid ter wereld zal krijgen.
Dankzij Onkelinx en haar trouwe slippendragers van SP.a en VLD.
De wet-Onkelinx werd reeds goedgekeurd in de Senaat, met de steun van CD&V. Het Vlaams Belang heeft in de
kamercommissie Justitie 130 amendementen ingediend, waardoor de commissie verplicht is de wet grondig te bespreken.
Zowel vanmiddag als morgen wordt de bespreking verder gezet.
Vermelden we nog dat de SP.a van Stevaert in 2003 naar de stembus trok met de belofte dat de wet-Lejeune voor zware
misdadigers moest worden afgeschaft. Met de wet-Onkelinx gebeurt precies het tegenovergestelde.
Het Vlaams Belang hoopt dat de petitie van de vzw “Ouders van een vermoord kind” een succes wordt, maar zij kan enkel
van nut zijn indien zij in de loop van de volgende maand wordt overhandigd aan de minister en niet in de maand mei
zoals gepland. Want Onkelinx wil de wet kost wat kost goedgekeurd zien voor de paasvakantie. Het Vlaams Belang hoopt
dat honderdduizenden mensen de petitie zullen tekenen, naar het voorbeeld van de massapetitie van de vzw Marc en
Corinne.
Bart Laeremans, Volksvertegenwoordiger
31 januari 2006Onkelinx discrimineert Vlaamse geïnterneerden.
Justitie schuift Vlaams dossier bewust op de lange baan.
Het Vlaams Belang steunt de verzorgers uit de forensische psychiatrie die vandaag gemanifesteerd hebben aan het
kabinet van Justitieminister Onkelinx tegen de drastische besparingen in hun sector. Het zou inderdaad volkomen
onaanvaardbaar zijn dat de beperkte projecten die vandaag in Vlaanderen bestaan ten behoeve van de geïnterneerden
zouden teruggeschroefd worden.
De schrijnende situatie van de geïnterneerden in Vlaanderen staat in schril contrast met de situatie in Wallonië.
Daar is er enerzijds de Doornikse (gewest)instelling “Les Maronniers” en anderzijds de federale penitentiaire
instelling van Paifve. In beide instellingen krijgen de geïnterneerden een mensenwaardige behandeling en worden hun
dossiers goed opgevolgd. In Vlaanderen zit het gros van de geïnterneerden daarentegen in gewone gevangenissen
(vooral in Merksplas), waar men onmogelijk van een verantwoorde geneeskundige behandeling kan spreken. Dit leverde
bij herhaling beschamende internationale rapporten op.
Minister Onkelinx en haar voorganger Verwilghen erkenden het probleem, maar geen van beiden wenste op korte termijn
voor een ommekeer te zorgen. Beiden verwezen naar de “commissie Cosyns”, die eerst een grondig advies moest
uitwerken. De commissie bracht een half jaar geleden haar rapport uit en pleitte hierin onder meer voor de bouw van
twee gespecialiseerde instellingen van 200 à 250 personen in Vlaanderen.
Onkelinx volgt deze raad slechts gedeeltelijk: er komt slechts één instelling in Vlaanderen (wellicht door
verbouwing van het Antwerpse Stuyvenbergziekenhuis – een erg ongelukkige locatie) en die zal ten vroegste in 2009
in gebruik kunnen genomen worden. In afwachting daarvan krijgen de geïnterneerden in Merksplas en elders geen
ernstige perspectieven op een betere behandeling.
Het Vlaams Belang heeft reeds bij herhaling gesteld dat de houding van minister Onkelinx verbijsterend a-sociaal en
inhumaan is voor een zogeheten socialistische minister. Door nu nog te gaan besparen op de beperkte Vlaamse
initiatieven voor een honderdtal medium-risk-geïnterneerden wordt de benadeling van Vlaanderen t.o.v. Wallonië
helemaal flagrant.
Het Vlaams Belang eist dat de federale regering de discriminatie van de Vlaamse geïnterneerden stopzet en meteen de
nodige middelen voorziet om alle geesteszieke delinquenten te behandelen en te omkaderen volgens de gangbare normen.
Daarnaast moet versneld werk gemaakt worden van de uitvoering van het rapport-Cosyns, met name van de bouw van twee
volwaardige, moderne penitentiaire instellingen voor geïnterneerden.
Bart Laeremans, Volksvertegenwordiger
17 januari 2006Levenslang veroordeelden reeds na 12,5 jaar vrij.
In haar antwoord op een schriftelijke vraag van senator Jurgen Ceder stelt minister Onkelinx dat er op 1 november
2005 in totaal 242 levenslang veroordeelden vastzaten in de gevangenis. Deze groep bedraagt 2,5 procent van de
gevangenispopulatie. Het gaat hier voornamelijk om feiten als moord en doodslag. Slechts 14 gedetineerden daarvan
zitten al langer dan 20 jaar vast, 4 gedetineerden langer dan 30 jaar. De langst opgesloten gedetineerde heeft
momenteel een gevangenisstraf van 39 jaar achter de rug. 8 van hen waren reeds eerder veroordeeld voor soortgelijke
feiten en werden veroordeeld in staat van wettelijke herhaling.
Uit dezelfde parlementaire vraag blijkt ook dat in 2004 26 personen, die tot een levenslange gevangenisstraf werden
veroordeeld, voorwaardelijk in vrijheid werden gesteld. Deze vrijgelaten personen zaten gemiddeld 12,5 jaar achter
tralies. 21 van deze 26 criminelen, die op vrije voeten kwamen, zaten maximaal 13 jaar in detentie. 5 van hen zaten
slechts 10 jaar vast.
De meeste levenslange veroordelingen worden uitgesproken door de Hoven van Assisen van Antwerpen en Henegouwen. In
een tijdsperiode van 9 jaar (1995-2003) werden er respectievelijk 22 en 18 daders veroordeeld tot levenslang. West-
en Oost-Vlaanderen volgen met respectievelijk 11 en 10 veroordelingen tot levenslang, Brussel en Luik spraken er
beide 9 uit. Cijfers voor 2004 zijn nog niet gekend.
Gezien het feit dat een levenslange opsluiting in dit land slechts een effectieve gevangenisstraf van 12,5 jaar
betekent, meent het Vlaams Belang dat de regering met deze softe aanpak foute signalen uitzendt naar de
samenleving, zowel naar burgers als naar (potentiële) daders. Deze cijfers zullen het vertrouwen in het justitieel
apparaat en het herstel van het veiligheidsgevoel zeker geen goed doen.
Joris Van Hauthem, Perswoordvoerder
11 oktober 2005Zwaardere bestraffing van gewelddaden tegen politieagenten: voorstel Somers komt hopeloos te laat.
De fracties van Kamer en Senaat van het Vlaams Belang zullen in ieder geval steun verlenen aan het voorstel van VLD-voorzitter
Somers om zware verwondingen en doodslag t.a.v. politieagenten zwaarder te bestraffen. Toch is duidelijk dat het hier om een
zoveelste staaltje van paniekvoetbal en "windowdressing" gaat, waarmee de VLD zoveel mogelijk zijn gezicht probeert te redden. Voor
de nabestaanden van politieman Marc Munten komt het voorstel alvast veel te laat. Zij worden vandaag een tweede keer getroffen. Hun
geliefde wordt vanmorgen door het gerecht een tweede keer vermoord.
Bijzonder pijnlijk is dat nu reeds met zekerheid geweten is dat de daders slechts een minimale fractie van de uitgesproken straf
zullen moeten uitzitten. In de Senaat wordt momenteel een wetsontwerp besproken van minister Onkelinx (PS) dat van de
voorwaardelijke invrijheidsstelling na 1/3 van de straf een quasi-automatisme maakt. Dat ontwerp is in de schoot van de regering
mee goedgekeurd door de VLD.
Het Vlaams Belang roept de VLD en alle andere partijen op om zich te bezinnen over de superlakse vrijlatingswetgeving in dit land,
waarvoor er bij de bevolking in het geheel geen draagvlak aanwezig is. Vlak voor de verkiezingen van 2003 beloofde toenmalig
SP.A-voorzitter Stevaert dat de Wet-Lejeune voor zware misdaden zou worden afgeschaft. Vandaag gebeurt - in alle stilte - precies
het tegenovergestelde.
Frank Vanhecke, Voorzitter Vlaams Belang
Joris Van Hauthem, Woordvoerder