ANTI VLAAMS

01 april 2008
Arrest Hof van Justitie over Vlaamse zorgverzekering onaanvaardbaar

Het Vlaams Belang vindt het vandaag gevelde arrest van het Hof van Justitie over de Vlaamse zorgverzekering onaanvaardbaar. Eens te meer wordt "Europa" door de Franstaligen ingezet tegen legitieme Vlaamse regelgeving, en eens te meer blijkt dat in het huidige Europa het subsidiariteitsbeginsel een lege doos is die gewoon opzij wordt geschoven door de steeds verdergaande Europese logica van het 'vrije verkeer'.

Volgens het Hof van Justitie zou een Griek die in Vlaanderen werkt en in Wallonië woont, gestremd worden in zijn recht op vrij verkeer. Nu is de keuze van die Griek juist het gevolg van zijn uitoefening van het recht op vrij verkeer.

De EU moet aanvaarden dat Vlaanderen, net zoals Wallonië, over een (te) beperkt aantal bevoegdheden beschikt en dat die bevoegdheden territoriaal bepaald zijn.

Illustratief voor de Europese bemoeizucht is dat het Hof van Justitie het Grondwettelijk Hof "aanraadt" om ook voor "zuiver interne situaties" de Europese principes van vrij verkeer van werknemers te hanteren wat zou betekenen dat Walen die in Vlaanderen werken ook kunnen aansluiten bij de Vlaamse zorgverzekering.

Het Vlaams Belang stelt vast dat vanuit Franstalige kant uit een anti-Vlaams offensief wordt ingezet om de beperkte autonomie die Vlaanderen heeft, uit te hollen en Vlaanderen in Europa voor te stellen als een halve schurkenstaat.

De Vlaamse regering moet dringend een strategie ontwikkelen om hiertegen een tegengewicht te bieden. Eens te meer is duidelijk dat de Waalse bemoeienissen en de Waalse internationale agitatie tegen Vlaanderen nefast zijn en dat Vlaanderen resoluut moet kiezen voor onafhankelijkheid.

Philip Claeys, Europees parlementslid
15 januari 2008
Vlaams Belang wil rechtzetting van De Standaard en Het Nieuwsblad

In twee artikels berichten De Standaard (‘De verloren eer van Marie-Rose’) en Het Nieuwsblad (‘Dewinter en Annemans dreigden met nieuwe partij’) over de nakende voorzitterswissel bij het Vlaams Belang. Beide artikels zijn een aaneenschakeling van roddels, halve waarheden en hele leugens, en zijn niets meer dan een zielige poging van de journalist om het Vlaams Belang te destabiliseren.

Infra vindt u de reactie van Frank Vanhecke, Gerolf Annemans, Filip Dewinter, Marie-Rose Morel en Bruno Valkeniers.

Joris Van Hauthem, Woordvoerder Vlaams Belang

-- In het artikel “de verloren eer van Marie-Rose” van de hand van Bart Brinckman, verschenen in De Standaard (14 januari, p. 7) en het artikel van dezelfde auteur in Het Nieuwsblad (14 januari, p. 7) onder de titel “Dewinter en Annemans dreigden met nieuwe partij”, schrijft de heer Brinckman een aantal pertinente onwaarheden. Vermits bij ons de indruk wordt gewekt dat het niet meer gaat om onkunde maar om onwil, staan wij erop volgende rechtzetting te laten publiceren.

Bart Brinckman stelt dat Filip Dewinter en Gerolf Annemans hebben gedreigd met een scheuring en zelfs een nieuwe partij, wanneer Frank Vanhecke niet zou opstappen als voorzitter. Deze bewering is volstrekt onjuist. Er is nooit enig dreigement van welke aard dan ook geweest, van één van beide genoemden, om Frank Vanhecke zich al dan niet kandidaat te laten stellen voor het voorzitterschap. Evenmin is er enige druk vanwege Marie-Rose Morel geweest op Frank Vanhecke om zich opnieuw kandidaat voorzitter te stellen, zoals Brinckman verder in het artikel beweert. Dit was een persoonlijke beslissing van Frank Vanhecke.

In hetzelfde artikel schrijft de heer Brinckman dat Gerolf Annemans en Filip Dewinter geruime tijd geleden Bruno Valkeniers in stelling brachten met het oog op het vervangen van Frank Vanhecke als voorzitter. Ook deze bewering is volstrekt onjuist. Bruno Valkeniers is geenszins de kandidaat van deze of gene maar onderhoudt zeer vriendschappelijke contacten met iedereen.

Tot in den treure herhaalt de heer Brinckman dat Marie-Rose Morel voorzittersambities zou hebben, de senaatslijst wou trekken en haar zinnen had gezet op de lijstduwersplaats van de Kamer. Ook deze beweringen zijn volstrekt onjuist.

We stellen nu al maanden vast dat de heer Brinckman een karaktermoord pleegt op Marie-Rose Morel met termen als “Yoko Ono”, “intrigante” en tal van insinuaties. Het niveau waarop dit gebeurt, heeft niets meer te maken met objectieve informatieverstrekking, maar met een volgehouden poging een hele partij te destabiliseren.

Frank Vanhecke, Marie-Rose Morel, Filip Dewinter, Bruno Valkeniers, Gerolf Annemans
11 december 2007
Anciaux huilt mee met Franstalige wolven in het bos !

De Vlaams Belang-fractie in het Vlaams Parlement is bijzonder verontrust over de uitspraken van Vlaams Minister Bert Anciaux waarbij hij op zijn website de door Yves Leterme gemaakte vergelijking tussen de RTBF en “Radio Mille Collines” als “onaanvaardbaar” bestempelt. Bert Anciaux stelt dat de door Leterme gemaakte vergelijking “al even verwerpelijk als het banaliseren van de holocaust” is. Verder zegt Anciaux : “Het zijn vergelijkingen die totaal misplaatst zijn. Ze getuigen van intellectuele en emotionele onvolwassenheid.”

Het Vlaams Belang vindt daarentegen dat juist de uitspraken van Bert Anciaux onaanvaardbaar zijn omdat hij daarmee meer dan ooit het Vlaams front verbreekt. Door mee te huilen met de Waalse en Franstalige wolven in het bos profileert Anciaux zich als objectieve bondgenoot van de Franstalige partijen. De uitspraken van Anciaux liggen in het verlengde van het standpunt dat vorige week nog door Spirit werd ingenomen en waarbij door Spirit de Vlaamse resoluties van maart 1999 als onderhandelingsbasis overboord werden gegooid.

De cohesie tussen de meerderheidspartijen in het Vlaams Parlement brokkelt blijkbaar steeds verder af. De Vlaamse slagkracht vermindert zienderogen ten gevolge van het geruzie tussen de meerderheidspartijen. Minister Anciaux gedraagt zich binnen de Vlaamse Regering als een breekijzer die het Vlaams Front enkel en alleen omwille van het partijpolitiek eigenbelang wil opbreken.

Filip Dewinter zal woensdag aanstaande tijdens het vragenuurtje in de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement Minister Anciaux interpelleren over diens uitlatingen.

Filip Dewinter, Voorzitter Vlaams-Belangfractie in het Vlaams Parlement
28 november 2007
Na gemeenteraad Linkebeek kan Keulen niet meer twijfelen: hij moet de tuchtprocedure inzetten

Gisteren werd tijdens de Linkebeekse gemeenteraad opnieuw en bewust provocatief het Frans gebruikt. Waarnemend burgemeester Thiery liet begaan. Meer nog, hij deed er nog een schep bovenop door te stellen dat Keulen moet ophouden “unilaterale en ondemocratische” beslissingen te treffen. Hij kondigde aan dat hij ook in de toekomst het gebruik van het Frans zou toelaten.

Het Vlaams Belang wil dat Keulen eindelijk optreedt. Vorige week nog stelde Keulen in het Vlaams Parlement dat het niet-benoemen van de kandidaat-burgemeesters van Kraainem, Linkebeek en Wezembeek-Oppem een voldoende sanctie was. Hij kon er “menselijk gesproken” in komen dat de betrokkenen na deze “zware klap” aangeslagen zouden zijn. Tuchtmaatregelen waren derhalve niet aan de orde, want aldus nog Keulen, “Men moet een beetje maat houden”. Blijkbaar was dhr. Thiery zodanig aangeslagen dat hij gisteren opnieuw voluit in de illegaliteit ging, en aankondigde dat in de toekomst nog te zullen doen.

Voor het Vlaams Belang heeft Keulen nu geen keuze meer. Keulen moet eindelijk datgene doen wat nu meer dan ooit voor de hand ligt: de tuchtprocedure inzetten die moet leiden tot de afzetting van de eerste schepen van Linkebeek.

Joris Van Hauthem, Vlaams Volksvertegenwoordiger
18 oktober 2007
Vlaams Belang hekelt anti-Vlaamse politiek van Brusselse regering

Vandaag hield de Brusselse minister-voorzitter Picqué zijn jaarlijkse regeringsverklaring in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement.

In zijn tussenkomst hekelde Vlaams Belang-fractievoorzitter Johan Demol de uitspraken van Picqué, dat Vlaanderen Brussel zou verstikken; vooral op het vlak van mobiliteit. Demol wees er op dat dit best bedenkelijke uitspraken zijn van een regeringsleider die de afgelopen jaren zijn uiterste best heeft gedaan om de luchthaven van Zaventem kapot te krijgen. Een luchthaven die trouwens ook van kapitaal belang is voor Brussel zelf!

Dat de mobiliteit in en rond Brussel een groot probleem stelt, daar zijn we het allemaal wel over eens. Het Vlaams Belang is dan ook al jaren vragende partij voor de afwerking van de Zuiderring rond Brussel. Picqué blaast trouwens tegelijkertijd warm en koud. Hij pleit wel voor een beter ontsluiting, maar waarschuwt tegelijkertijd voor een omsluiting. Een omsluiting van Brussel door Vlaanderen, met andere woorden.

Het Vlaams Belang beklemtoonde ook dat door zijn anti-Vlaamse uitspraken van de laatste weken, de Brusselse minister-president zich heeft ontpopt als spreekbuis van de Franstalige gemeenschap. Iets wat bij zijn eigen Vlaamse ministers en staatssecretarissen trouwens ook voor het nodige tandengeknars heeft gezorgd. Voor het Vlaams Belang is het duidelijk: zolang Picqué zich blijft bezondigen aan anti-Vlaamse daden en uitspraken, kan hij nooit de minister-voorzitter van ALLE Brusselaars zijn.

Tevens hekelde Johan Demol de plannen van de Brusselse regering om in de nabije toekomst Brusselse moskeeën te erkennen en subsidiëren. De uitbouw van een islamitische zuil in ons land wordt met de erkenning van de moskeeën verder bestendigd. Het is toch zeer merkwaardig dat de linkse partijen in dit land 100 jaar lang hun best hebben gedaan om in geseculariseerd België alles wat met geloof te maken had in de privé-sfeer te houden. Maar wanneer het over de Islam gaat, kan het voor links in dit land niet snel genoeg gaan om geld, gebouwen en allerhande voordelen te voorschijn te toveren. Het Vlaams Belang vraagt daarom om integendeel een einde te maken aan het pamperbeleid. Inburgering en assimilatie moeten verplicht worden. Anders dreigt inderdaad verdere islamisering van Brussel en Europa.

Charles Picqué liet ook weten dat hijl de diversiteit binnen de privé-ondernemingen - een typische socialistische bemoeizucht trouwens – en binnen de openbare diensten wil bevorderen. Maar wanneer gaat hij eindelijk de taalwet eens laten toepassen binnen diezelfde openbare diensten? Met Sint-Juttemis?

Wat het Vlaams Belang betreft is het duidelijk: deze beleidsverklaring is een mooi staaltje van schone schijn, maar de eerste oplossing om de neergang van Brussel te stoppen en om te buigen, en om van Brussel weer een aangename en leefbare stad te maken – ook voor Vlamingen! – daar is het nog steeds op wachten.

Stijn Hiers, Fractiesecretaris Vlaams Belang – Brussels Hoofdstedelijk Parlement
16 september 2007
Belgische excuses aan… Italië

We meldden reeds dat Mario Borghezio, de delegatieleider van de Italiaanse partij Lega Nord in het Europees Parlement, eerder deze week eveneens door de stoottroepen van Brussels PS-burgemeester Freddy Thielemans was opgepakt. De Italiaanse regering protesteerde daarop bij het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken.

Vandaag laat Mario Borghezio weten dat ‘het hoofd Ceremonie’ van het Belgisch ministerie van Buitenlandse zaken gisteren de Italiaanse ambassadeur bij zich heeft geroepen “om hem de formele excuses van België aan Italië aan te bieden voor wat mij (Borghezio, red.) overkomen is.” Verder luidt het: “Hij (de Italiaanse ambassadeur) heeft eraan toegevoegd dat het ministerie van Buitenlandse Zaken in de toekomst, mocht zich iets dergelijks nog eens herhalen, en zodra het op de hoogte wordt gebracht, onmiddellijk tussenbeide zal komen om de immuniteit van onze europarlementsleden te garanderen.”

In een persbericht beklaagt Borghezio zich over de manier waarop de Belgische overheid de democratische rechten en vrijheden met de voeten heeft getreden. Het Europarlementslid laat niet na te wijzen op het feit dat de manifestanten zich vreedzaam gedroegen en “tegen wie de Belgische staat en de politie, op bevel van de Brusselse burgemeester, - omdat het Vlaamse nationalisten waren – ongeoorloofd geweld heeft gebruikt.”

Het is opvallend hoe de Belgische overheid zich haast om zijn verontschuldigingen aan te bieden aan Italië en het gearresteerde parlementslid Borghezio, maar de afgelopen dagen de Vlaams Belang-parlementsleden steevast aanwees als “provocateurs”. Geen enkel Vlaams politicus uit een traditionele partij had deze week de moed om het politiegeweld en het anti-Vlaams racisme van Thielemans’ privé-militie te veroordelen. Omdat het ‘maar’ om Vlaams Belang’ers ging waartegen vanzelfsprekend alles is toegelaten?
15 september 2007
Hugo Coveliers dient klacht in bij comité P !!!

Aan de voorzitter en de leden van het Comité P
Wetstraat 52
1000 Brussel

Antwerpen, 13 september 2007

Geachte Voorzitter,
Heren Raadsleden,

Sta mij toe hiermee de aangifte te bevestigen die ik op dinsdag 11 september 2007 omstreeks 13u. deed aan de heer Walter Peeters, raadslid. Ik ontmoette raadsheer Peeters in de gangen van het Parlement (Huis der Parlementsleden) en vertelde hem op welke brutale, ja zelfs beestachtige (met gebruik van honden) manier de politiediensten op vooral Vlaamse manifestanten had ingebeukt even voordien.

De heer Walter Peeters verzekerde mij dat de enquêteurs van uw dienst ter plaatse aanwezig waren, ik meen deze trouwens gezien te hebben, en bovendien zou hij onmiddellijk de heer Henri Berkmoes, hoofd van de dienst enquêtes inlichten. Deze brief is dan ook een bevestiging van de eerdere aangifte.

1. In de feiten:

Alhoewel de feitelijke omstandigheden van deze spijtige brutaliteiten van de politie U ongetwijfeld gekend zijn, indien niet door de rapporten van uw onderzoekers ter plaatse dan toch via de ontelbare foto’s en video’s die op het wereldwijde net met de regelmaat van een klok worden vertoond ( zelf de Arabische televisie Al Jazeera had beelden van deze incidenten, de commentator gaf wel blijk van enige sympathie voor de Brusselse burgemeester) toch wil ik deze feiten hier nog even schetsen.

Rond 12u. ’s middags kwamen enkele parlementsleden aan het Brusselse Schumanplein bijeen, het was de bedoeling om een petitie af te geven aan een afgevaardigde van de Europese Commissie. Op het plein stonden hooguit een 200-tal mensen met enkele spandoeken en vlaggen. Er waren parlementsleden uit Italië en Frankrijk, uit Vlaanderen en enkele Scandinavische landen.

Zonder enige directe aanleiding, terwijl Filip Dewinter een interview gaf aan de VRT, gaf de bevelvoerende officier opdracht tot een charge en beval hij de ééntalige Luikse politie-inspecteurs om zoveel mogelijk mensen en vooral de parlementsleden hardhandig op te pakken.

Frank Vanhecke, Europarlementslid werd samen met twee van zijn collega’s uit het Europese parlement op een brutale manier opgepakt en zelfs in de geslachtsdelen geknepen. Filip Dewinter werd van de camera weggerukt terwijl hij een interview gaf, op de grond gesmeten, gestampt en geslagen waarbij vooral de nierstreek werd geviseerd door de Luikse politie-inspecteurs. Herhaaldelijk werd door deze politieambtenaren naast andere scheldwoorden en schunnigheden “sale flamin” geroepen.

Ikzelf stond naast Filip Dewinter net voor het interview vermits ik samen met hem met een wagen van het Vlaams Parlement was aangekomen. De bewuste officier kwam na de aanval op Filip Dewinter terug en stak een ganse tirade in het Frans af. Ik wees hem erop dat hij in het tweetalig gebied Brussel het Nederlands moest gebruiken ten overstaan van Vlamingen, hij vertaalde zijn ganse tirade in twee woorden namelijk: “weg of mee”.

Omdat ik blijkbaar te traag wegging naar de zin van deze man stuurde “ de officier” een vijftal inspecteurs met blaffende honden achter mij aan. Een Oekraïense journalist die trachtte enkele woorden van mij op te vangen werd toen overigens door één van deze honden gebeten.

Samen met enkele vrienden wandelde ik gevolgd door een viertal overvalwagens van de politie, de ganse Wetstraat door, voorbij uw kantoren, tot in het parlement. Daar volgde de politie ons niet meer.

Tijdens een onderhoud in de hal van het nieuw gebouw van het Brussels Parket werd mij bevestigd dat de “gevangenen” zich niet onder de hoede van de Procureur des Konings of een ander magistraat bevonden maar wel in het justitiepaleis in de handen van de Brusselse Burgemeester, die moest beslissen over de administratieve aanhouding.

Aanvankelijk wilde de Brusselse Burgemeester de volledige maximumduur zijnde 12u. uitputten en de 162 gevangenen zolang in de kerker laten.

Vanaf 17u. begon blijkbaar de kostprijs van deze grap te zwaar door te wegen, immers vanaf 18u. diende aan de meeste van de politieambtenaren overuren te worden uitbetaald. Ik wees de bevelhebber van de gevangenis er ook op dat zij moesten zorgen voor medische verzorging en voedsel voor de gevangenen. Dit gebeurde slechts erg sporadisch. Vanaf 17u. werden de 162 gevangenen van Thielemans druppelsgewijs vrijgelaten, de laatste, een Nederlandse dame, werd zowat uit de gevangenis geworpen rond 20u..

Vele vrouwen bekloegen er zich over dat zij verplicht werden hun BH uit te doen en af te geven, deze ontkleding gebeurde bovendien terwijl er mannelijke agenten in dezelfde zaal aanwezig waren. De vrouwelijke commissaris vroeg deze mannelijke collega’s dan wel om zich even om te draaien. Volgens sommige dames zouden enkele van deze, Franstalige, politie-inspecteurs schunnige opmerkingen hebben gemaakt op dat ogenblik.

Over het algemeen werd de behandeling in deze gevangenis als relatief goed beschouwd vooral in vergelijking met de brutaliteiten die deze gesekwestreerden in de autobus en de overval wagens hadden moeten doorstaan. De Luikse inspecteurs vonden het namelijk prettig om hun slachtoffers van de ene kant van de wagen naar de andere kant te laten vliegen, uiteraard waren deze slachtoffers dan geboeid! In de auto’s werd door sommige van deze Luikse inspecteurs uiterst ijverig omgegaan met een of andere spuitbus waarbij zij zelfs enkele van hun collega’s kwetsten, waardoor zij bijna met mekaar op de vuist dreigden te gaan. Sommige gevangenen hebben trouwens van deze incidenten gebruik kunnen maken om langs het hondenluik in de achterdeur van de gevangenenbus te gaan lopen.

Ondanks de bijzonder harde manier waarop de handboeien waren aangesnoerd, ten bewijze daarvan de vele littekens bij de gevangenen, konden de meeste van deze ontsnapten hun boeien losmaken en gaan lopen.

Ik vraag mij af wat er gebeurt wanneer er echte misdadigers met dergelijke bussen door dergelijke politieambtenaren worden vervoerd. Tot daar de feiten.

2. De normovertredingen en de disfunctionering van de politie:

Vooraf:
Bij de toetsing van dit politieoptreden aan de wettelijke bepalingen wens ik vooraf te stellen dat de grootste schuld uiteraard bij het bevel van deze operatie ligt. Het was niet alleen tactisch een gigantische stommiteit maar ook, communautair een uitdaging om ééntalige jonge, niet erg goed geïnformeerde en opgeleide inspecteurs uit Luik, op de manifestatie af te sturen. De vraag is waarom de opgevorderde pelotons uit Antwerpen en Gent ergens aan één of andere afgelegen station moesten posteren terwijl de ééntalige Luikse politiediensten op het Schumanplein post vatte. Voeg hierbij dat voor de manifestatie er een afspraak was met de Brusselse politie dat een statische manifestatie op het Schumanplein zou gedoogd worden met afgifte van een petitie aan de Europese Commissie, dan zal U begrijpen dat deze tactische zet van het commando door velen als laffe onbetrouwbaarheid wordt beschouwd.

Ik kom hier later in het onderdeel racisme en partijpolitieke beïnvloeding op terug.

De Europese commissaris Bruno Frattini, stak daarom trouwens ook zijn ongenoegen niet onder stoelen of banken, vermits hij verwachtte dat eenvoudigweg een petitie zou worden afgegeven.

2.1. De wet op het politieambt:

Artikel 1 van de wet van 5 augustus 1992 op het politieambt zegt: “de politiediensten vervullen hun opdrachten onder het gezag en de verantwoordelijkheid van de overheden die daartoe door of krachtens de wet worden aangewezen. Bij het vervullen van hun opdrachten van bestuurlijke of gerechtelijke politie, waken de politiediensten over de naleving en dragen zij bij tot de bescherming van de individuele rechten en vrijheden, evenals tot de democratische ontwikkeling van de maatschappij. Om hun opdrachten te vervullen, gebruiken zij slechts dwangmiddelen onder de voorwaarden die door de wet worden bepaald.”

Het hoeft geen betoog dat de politie helemaal niet bijgedragen heeft tot de bescherming van de individuele rechten en vrijheden en tot de democratische ontwikkeling van de maatschappij, maar wellicht dient dit eerder verweten te worden aan de verantwoordelijke overheid die deze rechten manifest heeft geschonden.

De laatste paragraaf van dit artikel is echter herhaaldelijk geschonden namelijk het gebruik van dwangmiddelen onder de voorwaarden die door de wet worden bepaald. Immers artikel 37 van dezelfde wet stelt zeer duidelijk: “bij het vervullen van zijn opdrachten van bestuurlijke of gerechtelijke politie kan elke politieambtenaar rekening houdend met de risico’s die zulks meebrengt, geweld gebruiken om een wettig doel na te streven dat niet op een andere wijze kan worden bereikt. Elk gebruik van geweld moet redelijk zijn in een verhouding tot het nagestreefde doel. Aan elk gebruik van geweld gaat een waarschuwing vooraf tenzij dit gebruik daardoor onwerkzaam zou worden.

Uit de feiten, de verklaringen, de foto’s, de video’s, blijkt overduidelijk dat het geweld niet redelijk was en nog veel minder in de verhouding stond tot het nagestreefde doel.

Het wettig doel van het verhinderen van een manifestatie waarbij de vrees werd uitgedrukt voor de voortrukkende Islam, kon worden nagestreefd op een andere wijze. Indien de bevelvoerende officier eenvoudigweg enkele parlementsleden de mogelijkheid had gegeven om de petitie af te geven aan de Europese Commissaris dan zou de manifestatie onmiddellijk na de afgifte van deze petitie als beëindigd beschouwd worden en hadden alle manifestanten Brussel zo snel mogelijk verlaten. Bovendien is er geen enkele waarschuwing gegeven voor geweld zodat ook dit aspect van het artikel manifest is overtreden.

In verband met het gebruik van het geweld dient toch nog verwezen te worden naar de rechtsleer die zeer duidelijk stelt: “naast het legaliteitsbeginsel wordt het gebruik van dwangmiddelen ook beheerst door een evenredigheidsprincipe en een opportuniteitsprincipe. De regering opteert duidelijk voor het gebruik van dwangmiddelen als “ultima ratio”, in de gevallen en de maten dat ze onontbeerlijk zijn voor de uitoefening van de opdrachten van de politiediensten” (De nieuwe politiewetgeving in België, eindredactie C. Fijnaut en F. Hutsebaut, artikel van S. Eeckhout pagina 228 en volgende.) Deze auteur stelt trouwens terecht: “ Men kan zich de vraag stellen in hoeverre de praktijk van de bestuurlijke aanhouding verenigbaar is met de fundamentele rechten en vrijheden van de burgers in een democratie. In de Belgische context betekent dit concreet dat een toetsing dient te gebeuren aan artikel 7 van de Grondwet en artikel 5 van het Europees Verdrag over de Rechten van de Mens” (op cit. pagina 229).

Daar waar de toetsing aan artikel 7 van de Grondwet nog kan worden aanvaard volgens de auteurs blijft echter het ontbreken van een gerechtelijke controle bij de bestuurlijke aanhouding niet sporen met artikel 5 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens. Een reden te meer om het geweld dat bij deze activiteiten wordt gebruikt duidelijk te kaderen in een legitiem kader rekening houdend met de opportuniteits- en het subsidiariteitsbeginsel.

Daar waar misschien kan gesteld worden dat de bevelen van Burgemeester Thielemans het legitieme kader schetsen kan in geen enkel geval gezegd worden dat deze manier van optreden opportuun was, de vele verontwaardigde commentaren in de media en ook bij de politiediensten, althans toch de Vlaamse, bewijzen dit maar zeer zeker is het subsidiariteitsbeginsel op een schromelijke manier geschonden.

Het weze herhaald, ik spreek dan nog niet over de tactische flaters die door de bevelvoerder op deze manier worden gevoerd.

“De aangehouden personen moeten te drinken en te eten krijgen krachtens de wet op het politieambt, het EVRM en het Europees Verdrag ter Voorkoming van Foltering en Onmenselijke of Vernederende Behandelingen of Bestraffingen van 14 november 1993. De verantwoordelijkheid van de diensten die tot aanhouding zijn overgegaan is hierop toe te zien. Het krijgen van een gepaste maaltijd heeft betrekking op zowel de bestuurlijk aangehouden personen als op degene die het voorwerp uitmaken van een gerechtelijke aanhouding. De diensten die de maaltijdkosten voor hun rekening moeten nemen alsmede de terug te betalen bedragen zijn opgenomen in de omzendbrief betreffende de bevoorrading van personen in arrest, met uitzondering van degene die het voorwerp uitmaken in een strafinrichting van 3 januari 2003.” (De wet op het politieambt , het handboek van de politiefunctie, Gilles L. Bourdoux, Politeia nv, 2003, pagina 315 onder het nummer 12-6.)

De opgeslotenen hebben nauwelijks te drinken gekregen en slechts na lang aandringen een suikerwafel. Dit kan moeilijk aan de bevelvoerende commissaris aangerekend worden vermits zij blijkbaar niet de mogelijkheid kreeg van haar hoofdcommissaris de heer Vanreuzel, rechterhand van de Brusselse Burgemeester, om de gevangenen van dit essentieel recht te laten genieten.

Artikel 31, 5e lid van de wet op het politieambt zegt zeer duidelijk: “Elke persoon die het voorwerp uitmaakt van een bestuurlijke aanhouding mag vragen dat een persoon in wie hij vertrouwen heeft hiervan verwittigd wordt.”

Daar waar samen met Gilles L. Bourdoux (op cit. pagina 315) kan worden aangenomen dat “men niet mag verwachten dat de politie iemand in Zuid-Afrika verwittigt of bij massale aanhoudingen 200 personen in België op de hoogte brengt” toch kan men verwachten van deze politiediensten dat zij minimaal aan de niet aangehouden parlementsleden, die hun collega’s en de overige gevangenen proberen op te sporen, zou bevestigen waar deze gevangenen zich bevinden. Het is potsierlijk dat, wanneer ik mij vanuit het Parket van de Procureur des Konings, waar mij gezegd werd dat de gevangenen zich in het gerechtshof bevonden onder het bevel van de politie van Brussel en de Burgemeester, de politie nog probeerde aan te houden omdat ik mij met een drietal andere parlementsleden naar de poort van het gerechtshof begaf. De bevelvoerende officier van de Brusselse politie had zelfs het lef om te vragen waar ik naartoe ging alsof ik in een democratie aan de politie zou moeten gaan zeggen waar ik precies naartoe ga.

Ook dit artikel van de wet werd dus zeer duidelijk overtreden.

Waar zeer vele dames aan tillen, en m.i. terecht, is het feit dat zij verplicht werden hun BH uit te doen, sommige mannen werden trouwens ook op het lichaam gefouilleerd en diende zich uit te kleden. Een dergelijke vernedering is voor niets nodig en wijst toch op een gevaarlijke mentaliteit van de politie-inspecteurs en sommige van hun officieren.

Veiligheidsfouillering dient toch om zich ervan te vergewissen dat een persoon geen wapen draagt of enig ander voorwerp bij zich heeft dat een gevaar vormt voor de openbare orde.

Ondanks het feit dat nog niemand met een BH is doodgeschoten, zou men eventueel met heel veel verbeelding kunnen aannemen dat men zich met een BH zou kunnen ophangen. Al moet dit wel bijzonder moeilijk zijn in een cel waar men met 12 mensen is ondergebracht en men dus kan aannemen dat indien per impossibile, één van de dames zich zou willen ophangen met haar BH, de anderen dit wel zouden verhinderen.

Bovendien stelt zich de vraag in hoeverre de openbare zeden niet geschonden werden door de verplichting die deze dames hadden hun BH uit te doen in een ruimte waar ook mannelijke politie-inspecteurs aanwezig waren. Het bevel gegeven aan deze mannen om “zich om te draaien” is potsierlijk, de schunnige commentaar van sommigen Franstalige agenten bewijst dit trouwens.

2.2. De wetgeving op het racisme:

Artikel 4 van het VN-rassendiscriminatieverdrag van 7 maart 1966 dat reeds 9 jaar later in 1975 door België werd geratificeerd, zegt dat: “De staten die partij zijn bij dit verdrag alle propaganda veroordelen en alle organisaties die berusten op denkbeelden of theorieën die uitgaan van de superioriteit van een bepaald ras of groep personen van een bepaalde huidskleur of etnische afstamming, of die trachten rassenhaat en rassendiscriminatie in enige vorm trachten te rechtvaardigen of te bevorderen, en nemen de verplichting op zich onverwijld positieve maatregelen te nemen die erop gericht zijn aan elke vorm van aanzetting tot of aan elke uiting van een zodanige discriminatie een einde te maken en met het oog daarop, met inachtneming van de beginselen van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en van de rechten uitdrukkelijk genoemd in artikel 5 van dit verdrag onderanderen:

a)….
b)….
c) Niet toe te staan dat overheidsorganen of overheidsinstellingen, hetzij op nationaal hetzij op plaatselijk niveau, rassendiscriminatie bevorderen of daartoe aanzetten.

Weliswaar heeft het “Koninkrijk België” een voorbehoud gemaakt in relatie tot de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van vergadering en vereniging maar dit neemt niet weg dat sinds de laatste wijziging van deze wet door middel van de wet van 20 januari 2003, ook de discriminatie op basis van taal naast afstamming, strafbaar moet gesteld worden maar ook het opdracht geven tot discriminatie als equivalent aan discriminatie wordt beschouwd (artikel 1 lid 2).

Het is dus overduidelijk dat, wanneer de politie-inspecteurs Vlaamse parlementsleden en Vlaamse burgers uitschelden voor “sale flamin”, zij deze antiracismewet overtreden. Indien dit niet het geval zou zijn dan is het iedereen toegelaten om een ander volk in te vullen in plaats van “flamin”, zonder dat er enige mogelijkheid tot bestraffing zou kunnen bestaan. Vermits er reeds duidelijke straffen zijn uitgesproken in deze zin kan moeilijk worden volgehouden dat Vlamingen wel zouden mogen worden uitgescholden, want dan zou dit een discriminatie inhouden wat dan weer verboden is door het verbod op nationaliteitsdiscriminatie. (zie handboek discriminatierecht, Dajo De Prins e.a. pagina 122.).

De politie-inspecteurs die deze scheldwoorden hebben geroepen hebben zich schuldig gemaakt maar ook diegene die hen daartoe hebben de opdracht gegeven of aangezet zijnde de zonechef van de lokale politie te Brussel en/of de Burgemeester van Brussel.

2.3. De taalwetgeving:

Politiebeambten in het Hoofdstedelijk Gewest Brussel dienen tweetalig te zijn. Er is enkel een overgangsperiode voorzien van 5 jaar om deze tweetaligheid te bekomen.

Men dient zich dan ook de vraag te stellen in hoeverre het spoort met de taalwetgeving dat in het tweetalig gebied Brussel ééntalig Franse politiegroepen worden ingezet, terwijl de opvorderende Burgemeester perfect weet dat deze agenten en inspecteurs de taalwetten per definitie zullen overtreden en dus niet kunnen voldoen noch aan de taalwetgeving maar ook niet aan de wet op het politieambt die hen opdracht geeft om de burgers te beschermen. Men kan moeilijk iemand beschermen en zijn rechten verdedigen wanneer men zelfs zijn taal niet verstaat.

Wat dit laatste betreft is het trouwens erg merkwaardig dat een aantal Franse deelnemers aan de manifestatie, die vergezeld waren van een Vlaams Parlementslid, niet werden verontrust nooit werden bedreigd, maar opvallend beleefd werden behandeld. De Franse deelnemers konden rustig interviews geven, zij konden gaan en staan waar zij wilden en pas helemaal op het einde wanneer alle Vlamingen opgepakt waren werd zeer vriendelijk verzocht om weg te gaan.

Deze Fransen zijn bereid steeds te getuigen. Hetzelfde geldt trouwens voor Engelstaligen die eveneens nooit werden verontrust alhoewel zij zich op dezelfde wijze gedroegen als de Vlamingen die werden aangehouden. Ook deze Engelstaligen zijn bereid om dit alles schriftelijk te bevestigen. Het is dan ook overduidelijk dat de Luikse politiediensten in opdracht van de Brusselse Burgemeester en diens korpschef de Vlamingen viseerden. De wet op het racisme en de taalwetgeving werd dan ook manifest genegeerd.

Besluit:

Reeds in het verslag van de bendecommissie werd duidelijk gesteld dat er een externe controle op de politie nodig was. Deze controle later geconcretiseerd in het Comité P en zijn enquêtedienst, moet dienen om de democratische plaats van de politie te garanderen.

In casu heeft de Brusselse politie en vooral haar zonechef en het administratieve hoofd, de Burgemeester, dit manifest niet gedaan.

Daar waar het uiteraard de bevoegdheid van de Burgemeester is om een betoging al dan niet toe te laten, zelfs wanneer de mening van deze Burgemeester zeer sterk vooringenomen en partijpolitiek beïnvloed is, daar moet toch aanvaard worden dat het politieoptreden niet door deze arbitraire voorkeur van de burgemeesters mag worden beïnvloed.

Nochtans is dit in deze gebeurd. Onwettige bevelen mogen niet worden uitgevoerd zo had de plaatsing van het Luiks detachement dat ééntalig Frans was, niet mogen gebeuren zelfs wanneer de Burgemeester dit heeft bevolen. Het hardhandig optreden kan niet worden gemotiveerd zoals enkele politiemensen probeerden met het principe “Befehl ist befehl” aangezien ook daarin duidelijk voorzien is in de wetgeving op het politieambt waarbij een immoreel bevel kan worden geweigerd.

Ik hoop, geachte voorzitter, raadsleden dat het Comité P deze ontaarding van een politieoptreden, weliswaar onder druk van de politieke verantwoordelijke, zal willen onderzoeken. Een verder afglijding van de politie naar een totalitaire machine ten behoeve van gelijkaardige overheden moet ten alle prijzen vermeden worden

Met voorname achting,
12 september 2007
Thielemans liegt - Klacht wegens anti-Vlaams racisme

Het Vlaams Belang is verontwaardigd over de reactie van PS-burgemeester Freddy Thielemans en Brussels hoofdcommissaris en notoir PS-adept Roland Vanreusel op het politiegeweld van gisterenmiddag. Met de bewering dat de manifestanten zouden hebben “geprovoceerd” en dat Vlaams Belang’ers geweld zouden hebben gebruikt, ontmaskeren Thielemans en Vanreusel zichzelf als vulgaire leugenaars. Even leugenachtig is de bewering van Thielemans dat de politie slechts gereageerd zou hebben na een vermeend incident op de politiebus: iedereen kon zien dat onder meer ondergetekenden reeds bij het begin van de manifestatie – tijdens het geven van interviews - werden gemolesteerd. Het proces-verbaal tegen Dewinter en Vanhecke dient dan ook enkel maar om zich in te dekken tegen het schabouwelijke politieoptreden.

Momenteel verzamelt advocaat Hugo Coveliers alle vaststellingen en doktersbewijzen van de door de demonstranten opgelopen verwondingen. Het Vlaams Belang zal niet alleen klacht indienen bij het parket en het Comité P, maar ook bij het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding (CGKR).

Dat het gewelddadige optreden van de uit Luik afkomstige en dus Franstalige ordediensten was ingegeven door anti-Vlaams racisme - Vlaamse betogers werden mishandeld en uitgescholden voor “sales flamingants” - kunnen immers tal van manifestanten én journalisten getuigen. Aan de heer Jozef De Witte, directeur van het CGKR, zal dan ook worden gevraagd aan dit anti-Vlaams racisme passend gevolg te geven.

Frank Vanhecke, Voorzitter Vlaams Belang
Filip Dewinter, Vlaams parlementslid
14 september 2007
Waalse troepen tegen Vlaamse burgers !!!!

De vraag die ik mij de avond van 11 september stelde was; wie betoogde er eigenlijk in Brussel ? Waren het de honderden Waalse agenten, die lustig op de vredelievende mensen klopten ? Of waren het een dertigtal demonstranten die de frustraties van de Waalse agenten moesten ondergaan ?

Dat men de vrije meningsuiting, via een betoging, verbiedt is een democratie onwaardig. Maar wat heet eigenlijk in een PS-bastion als Brussel democratie ? Hardhandig optreden door ingehuurde “kloppers” uit Luik die dan nog enkel de kopstukken van het Vlaams Belang viseren, ze met veel machtsvertoon in de boeien slaan omdat ze hun mening en dat van vele Vlamingen verkondigen

Een leger Waalse agenten inzetten om het Vlaamse volk monddood te maken, je moet maar durven. Als op rust gesteld militair heb ik altijd gedacht dat onze taken en die van de politie het beschermen van onze grondwettelijke rechten waren. Hier wordt een leger ingezet tegen het eigen volk dat manifesteert tegen de aanhoudende dreiging van buitenaf, zijnde de verdere islamisering van ons land.

Voor mij zijn de laatste twijfels weggevallen, de PS is wel degelijk een linkse dictatuur. Men verbied een betoging onder het mom van angst voor een geweldadige reactie van de moslims. Neen toch, juist bij zulk een betoging hadden wij bescherming nodig en die is niet gegeven, weeral werden wij van onze rechten beroofd door een opgeblazen driftkikker die zich burgemeester van Brussel mag noemen.

Heeft het Vlaams Belang misschien te veel gehamerd op het maffia karakter van de PS dat men hier praktisch kan spreken van een communautaire afrekening. Gelukkig was er veel internationale pers aanwezig. Deze beelden zullen de wereld rondgaan en ik ben wel eens benieuwd te horen wat onze “democratische collaborateurs” nu weer zullen bazelen over zoveel geweld.

In ieder geval, door op onderstaande link te klikken kom je terecht bij onuitgegeven beelden van het “gestapo” optreden van de ingehuurde troepen van Thielemans en zijn PS-kornuiten

http://www.vlaamsbelang.be/0/3682/"

Karel Blockx
09 mei 2007
Demotte voert de Waalse arrogantie ten top.

PS-minister Rudy Demotte bakt het wel erg bruin naar aanleiding van de peiling in de Artsenkrant, waaruit blijkt dat driekwart van de Vlaamse artsen gewonnen is voor een regionalisering van de gezondheidszorg, terwijl een meerderheid van de Franstalige artsen tegen is.
De reactie van Demotte is een typisch Waalse reactie : “enkel wat de Waalse artsen verkondigen, interesseert mij. Aan de Vlaamse meerderheid veeg ik mijn francofone laarzen”.
Daar blijft het echter niet bij. Demotte negeert niet alleen het overduidelijke signaal van de Vlaamse artsenwereld, hij pleit zelfs voor de herfederalisering van het preventiebeleid, dat nu al tot de bevoegdheid van de gemeenschappen behoort.
Dat de verschillen inzake de kost van de ziekteverzekering tussen Noord en Zuid niet meer zo groot zijn, is trouwens een fabeltje, dat vandaag oordeelkundig werd weerlegd door Aktiekomitee Vlaamse Sociale Zekerheid.

De strategie van de PS is nu wel bijzonder duidelijk. Vanuit de verdediging – het njet – gaat de partij meteen over tot de aanval – het herfederaliseren -, om op die manier het status quo te bereiken.
De stuitende arrogantie van een minderheid die de meerderheid meent te mogen gijzelen, moet nu zelfs de meest naïeve Vlaming doen inzien dat met de PS geen land meer te bezeilen valt.
De eis tot splitsing van de gezondheidszorgen stond ingeschreven in het Vlaams regeerakkoord van 1999, en van het Vlaams regeerakkoord van 2004. We zijn benieuwd wat de andere Vlaamse partijen nu te vertellen hebben. Het wordt de hoogste tijd om de PS zonder omwegen de wacht aan te zeggen. Stilzwijgen betekent vandaag medeplichtigheid aan het Waalse profitariaat.

Indien er nog een bewijs diende geleverd te worden dat het de PS enkel te doen is om de dividenden van het bestaan van de Belgische staat te incasseren, dan is dat vandaag geleverd.

Frank Vanhecke, Voorzitter Vlaams Belang

28 februari 2007
Vlaams Belang geschandaliseerd door "Manifest voor de Franstalige eenheid".

Na de publicatie van enkele uittreksels in Le Soir van maandag, pikken enkele Vlaamse media de berichtgeving op over het "Manifest voor de Franstalige eenheid". Het manifest van de hand van Serge Moureaux (PS) en Antoinette Spaak (FDF) is één lange scheldtirade tegen Vlaanderen en het Vlaamse autonomiestreven.

Het Vlaams Belang is geschandaliseerd door de hautaine houding van de Franstalige auteurs, die aan de hand van betwistbare cijfers kost wat kost willen aantonen dat Vlaanderen het economisch heel wat minder goed doet dan het laat uitschijnen. Als Vlaanderen het vandaag economisch minder goed doet dan het zou kunnen doen, dan is dat in de eerste plaats te wijten aan de Belgische constructie die Vlaanderen een blok aan het been is. We herinneren in dat verband nogmaals aan de jaarlijkse transfers vanuit Vlaanderen ter waarde van 12,68 miljard euro, waardoor de eigen Vlaamse welvaart met liefst 7 procent wordt afgeroomd.

Ook de uithaal naar de Vlaamse ondernemers is absoluut onaanvaardbaar. In het manifest staat letterlijk: "Veel Vlaamse ondernemers schudden, met een oog op hun beurskoers, de hand van Dewinter en Annemans. Dat doet ons denken aan de opmars van Hitler die ondersteund werd door de Duitse bedrijfsleiders." Dat de gewezen Franstalige parlementsleden de bekommernissen en de terechte eisen van de Vlaamse bedrijfsleiders voor meer Vlaamse bevoegdheden in verband brengen met de steun aan het nazi-regime, is ronduit grotesk en meer dan een brug te ver. Het Vlaams Belang kan zich niet voorstellen dat de Vlaamse ondernemers deze laag-bij-de-grondse verwijten zomaar aan zich zullen laten voorbijgaan.

Frank Vanhecke, Voorzitter Vlaams Belang
Joris Van Hauthem, Perswoordvoerder

top blz
Copyright © 2004-2007 Vlaams Belang Schoten - Alle Rechten Voorbehouden. Webbeheerder : Karel Blockx